Gemeente Boechout

Zitting van 15 december 2025

Van 20:08 uur tot 02:13 uur.

 

 

Aanwezig

Philip Verstappen, voorzitter

Koen T'Sijen, burgemeester

Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, schepenen

Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Bruno Doms, Lode Van den Brande, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke, Xander Meeuwesen, Ann Milbau, gemeenteraadsleden

Jan Geudens, algemeen directeur

Verontschuldigd

Joris Wustenberghs, gemeenteraadslid

 

 

 

Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Notulen van de gemeenteraadszitting van 24 november 2025 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Enig artikel

De gemeenteraad keurt de notulen van 24 november 2025 goed.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Evaluatieverslag AGB - goedkeuring - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

8 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

BESLUIT

Enig artikel

De gemeenteraad neemt kennis van het evaluatieverslag over het autonoom gemeentebedrijf Boechout en besluit de verzelfstandiging onder de vorm van een autonoom gemeentebedrijf verder te zetten.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Autonoom Gemeentebedrijf Boechout - Statuten raad van bestuur - Wijziging - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

3 stemmen tegen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

6 onthoudingen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Mieke Kaniszai en Bjorn Aertgeerts

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad keurt de statutenwijziging van het Autonoom Gemeentebedrijf Boechout goed zoals opgenomen in de  bijlage.

Artikel 2

Deze statutenwijziging, evenals de gecoördineerde statuten, worden bekend gemaakt op de webtoepassing van de gemeente.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links 20251215_STATUTEN_AGB.pdf Download
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beheersovereenkomst tussen de gemeente Boechout en het Autonoom Gemeentebedrijf Boechout (AGB) - Wijziging - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

3 stemmen tegen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

6 onthoudingen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Mieke Kaniszai en Bjorn Aertgeerts

 

BESLUIT

Enig artikel

De gemeenteraad keurt de beheersovereenkomst, zoals in de bijlage toegevoegd, goed.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Specifieke dienstverleningsovereenkomst tussen Gemeente en AGB inzake de ondersteuning van het AGB en de dienstverlening door het gemeentepersoneel - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

8 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

BESLUIT

Enig artikel

De gemeenteraad keurt de specifieke dienstverleningsovereenkomst tussen de Gemeente en het Autonoom Gemeentebedrijf Boechout inzake de dienstverlening van het AGB en de dienstverlening door het gemeentepersoneel, zoals in de bijlage, goed.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Goedkeuring aangepast meerjarenplan AGB 2020-2025 - aanpassing 2025 - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

8 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het meerjarenplan 2020-2025 - aanpassing 2025, en de vastgestelde kredieten voor 2025 van het autonoom gemeentebedrijf, vastgesteld door de raad van bestuur, goed.

Artikel 2

Deze beslissing zal bekend worden gemaakt overeenkomstig DLB art.286 §1 3°: het raadsbesluit en de documenten van het geconsolideerd meerjarenplan 2020-2025 aanpassing 2025 worden via het digitaal loket ter beschikking gesteld van het toezicht.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links Meerjarenplan_AGB_2020_2025_aanpassing_2025.pdf Download
Bijlage_3_Samenstelling_beleidsdomeinen.pdf Download
Bijlage_4_Investeringen_MJP2025_AGB_Boechout.pdf Download
Bijlage_1_Omgevingsanalyse_2024.pdf Download
Bijlage_2_Meerjarenoverzicht_2020_2025.pdf Download
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Vaststelling van het meerjarenplan 2020-2025 - aanpassing 2025 en de kredieten 2025 deel gemeente - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

8 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad stelt zijn deel van het meerjarenplan 2020-2025 aanpassing 2025 vast.

Artikel 2

De gemeenteraad stelt de aangepaste kredieten van 2025 vast.

Artikel 3

De gemeenteraad keurt de lijst met nominatieve werkingssubsidies 2025, die integraal deel uitmaakt van dit besluit, goed.

Artikel 4

De gemeenteraad vertrouwt de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden voor de lijst van nominatieve investeringen, die integraal deel uitmaken van dit besluit, toe aan het college van burgemeester en schepenen.

Artikel 5

Deze beslissing zal bekend worden gemaakt overeenkomstig DLB art.286 §1 3°: het raadsbesluit en de documenten van het geconsolideerd meerjarenplan 2020-2025 aanpassing 2025 worden via het digitaal loket ter beschikking gesteld van het toezicht.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links Meerjarenplan_2020_2025_aanpassing_2025.pdf Download
Bijlage_5_Investeringen_MJP_2025_Gemeente_Boechout.pdf Download
Bijlage_1_Omgevingsanalyse_2025.pdf Download
Bijlage_2_Meerjarenoverzicht_2020_2025.pdf Download
Bijlage_4_Overzicht_verbonden_entiteiten.pdf Download
Bijlage_6_Overzicht_werkingssubsidies_MJP2025.xlsx Download
Bijlage_3_Samenstelling_beleidsdomeinen.pdf Download
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Goedkeuring aangepast meerjarenplan deel OCMW 2020-2025 en vaststelling kredieten 2025 -  Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

8 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het besluit van raad voor maatschappelijk welzijn van 15 december 2025 aangaande het vaststellen van zijn deel van het meerjarenplan 2020-2025 aanpassing 2025, en aangaande het vast stellen van de kredieten 2025 goed.

Artikel 2

Deze beslissing zal bekend gemaakt worden overeenkomstig DLB art. 286 §1 3°.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links Meerjarenplan_2020_2025_aanpassing_2025.pdf Download
Bijlage_4_Overzicht_verbonden_entiteiten.pdf Download
Bijlage_6_Overzicht_werkingssubsidies_MJP2025.pdf Download
Bijlage_3_Samenstelling_beleidsdomeinen.pdf Download
Bijlage_1_Omgevingsanalyse_2025.pdf Download
Bijlage_5_Investeringen_MJP_2025_Gemeente_Boechout.pdf Download
Bijlage_2_Meerjarenoverzicht_2020_2025.pdf Download
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 1 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

7 stemmen voor

Kris Swaegers, Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Mieke Kaniszai en Bjorn Aertgeerts

15 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Lode Van den Brande, Joost Derkinderen, Jesse Franquet, Tine Bracke, Xander Meeuwesen en Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 2 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

14 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 3 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

14 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 4 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

14 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 5  - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 6 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 7 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

5 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

14 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

3 onthoudingen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 8 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

6 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Mieke Kaniszai en Bjorn Aertgeerts

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

3 onthoudingen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 9 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 10 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 11 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 12 - Stemming

 

Stemming

 

Over het onderhandelen van een nieuwe concessieovereenkomst met NMBS:

 

Eenparig

 

Stemming

Mondelinge stemming over het afsluiten van een nieuw contract met supermarkt Delhaize:

 

5 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

14 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

3 onthoudingen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 13 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 14 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 15 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 16 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

9 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 17 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

9 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 18 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 19 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

5 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

14 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

3 onthoudingen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 20 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 21 - Stemming

 

Stemming

De stemming over het vuurwerk wordt verworpen met

 

9 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

12 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Joost Derkinderen

 

Stemming

Mondelinge stemming over de hondenweide wordt verworpen met

 

6 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Mieke Kaniszai en Bjorn Aertgeerts

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

3 onthoudingen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 22 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

12 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

2 onthoudingen

Ria Van Den Heuvel en Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 23 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 24 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 25 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 26 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 27 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 28 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 29 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 30 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

9 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 31 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

5 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

14 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

3 onthoudingen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 32 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

7 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts en Tine Bracke

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

2 onthoudingen

Mieke Kaniszai en Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 33 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 34 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 35 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 36 - Stemming

 

Stemming

 

Mondelinge stemming over het subamendement:

 

Eenparig

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 37 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 38 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

5 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

12 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

4 onthoudingen

Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Tine Bracke en Ann Milbau

1 niet gestemd

Ria Van Den Heuvel

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 39 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 niet gestemd

Ria Van Den Heuvel

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 40 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 41 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 42 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Bjorn Aertgeerts en Tine Bracke

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 43 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

4 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

4 onthoudingen

Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Tine Bracke en Ann Milbau

1 niet gestemd

Annelies Veron

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 44 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 45 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 46 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

9 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke, Xander Meeuwesen en Ann Milbau

12 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen en Jesse Franquet

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 47 - Stemming

 

Stemming

 

Mondelinge stemming over het subamendement:

 

Eenparig

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 48 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

14 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 49 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

7 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts en Tine Bracke

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

2 onthoudingen

Mieke Kaniszai en Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 50 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

7 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts en Tine Bracke

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

2 onthoudingen

Mieke Kaniszai en Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 51 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 52 - Stemming

 

Stemming

 

Mondelinge stemming over het subamendement

 

Eenparig

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 53 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

5 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

4 onthoudingen

Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Tine Bracke en Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 54 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 55 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 56 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 57 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 58 - Stemming

 

Stemming

 

Mondelinge stemming over het subamendement

 

Eenparig

 

Stemming

 

Eenparig

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 60 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

14 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Amendement 61 - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

7 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts en Tine Bracke

14 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 niet gestemd

Ann Milbau

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Beleidsnota 2025-2030 - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

9 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Enig artikel

De gemeenteraad keurt de beleidsnota 2025 - 2030, inclusief de goedgekeurde amendementen, goed.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links BELEIDSNOTA_2025-2030_geamendeerd.pdf Download
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Goedkeuring meerjarenplan 2026-2031 AGB - Stemming

 

Stemming

12 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

9 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

1 niet gestemd

Nathalie Van Puyvelde

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het meerjarenplan 2026-2031, en de vastgestelde kredieten voor 2026 van het autonoom gemeentebedrijf, vastgesteld door de raad van bestuur, goed.

Artikel 2

Deze beslissing zal bekend worden gemaakt overeenkomstig DLB art.286 §1 3°: het raadsbesluit en de documenten van het geconsolideerd meerjarenplan 2026-2031 worden via het digitaal loket ter beschikking gesteld van het toezicht

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links Bijlage1_Beleidsnota_MJP_2025-2030.pdf Download
1. Meerjarenplan_AGB_2026-2031.pdf Download
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Prijssubsidiereglement AGB Boechout  2026 - Stemming

 

Stemming

12 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

8 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

1 onthouding

Mieke Kaniszai

1 niet gestemd

Nathalie Van Puyvelde

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het prijssubsidiereglement 2026, vermeld in artikel 2 van huidige beslissing, ten voordele van het AGB goed.

 

Artikel 2

 

PRIJSSUBSIDIEREGLEMENT 2026 AGB Boechout

 

Het AGB heeft haar inkomsten en uitgaven geraamd voor het kalenderjaar 2026 (zie bijlage 1 – M2 schema). Op basis van deze ramingen heeft het AGB vastgesteld dat voor het kalenderjaar 2026 de inkomsten uit toegangsgelden minstens € 833.734,00 excl BTW dienen te bedragen om economisch rendabel te zijn.

 

De berekende prijssubsidie is € 670.734,00 excl BTW, gedragen door gemeente Boechout.
Dit is € 710.978,04 inclusief 6% btw en staat ook zo voorzien in de meerjarenplanning 2026-2031.

 

Om economisch rendabel te zijn heeft het AGB besloten om vanaf 1 januari 2026 de voorziene toegangsprijzen (inclusief 6 % btw) voor de toegang sportinfrastructuur te vermenigvuldigen met een factor 4,11.

 

De gemeenteraad erkent dat het AGB, op basis van de ramingen zoals opgenomen in het meerjarenplan, de voorziene toegangsprijzen (inclusief 6 % btw) voor de toegang sportinfrastructuur dient te vermenigvuldigen met een factor 5,11 (1,00 klantgedeelte en 4,11 prijssubsidie) om economisch rendabel te zijn, van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026.

 

Het gemeentebestuur verbindt er zich toe om voor de periode vanaf 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026 deze beperkte toegangsgelden te subsidiëren middels de toekenning van prijssubsidies.

 

De waarde van de prijssubsidie toegekend door het gemeentebestuur voor toegangsgelden voor de sportwerking bedraagt de prijs (inclusief 6% btw) die de bezoeker voor recht op toegang betaalt, vermenigvuldigd met een factor 4,11.

 

De bedragen van de prijssubsidies uitgedrukt in euro zijn opgenomen in bijlage 3, welke integraal deel uitmaakt van deze beslissing.

 

De gesubsidieerde toegangsgelden (inclusief 6% btw) kunnen steeds geherevalueerd worden in het kader van een periodieke evaluatie van de totale exploitatieresultaten van het AGB. In de mate er een prijssubsidieaanpassing noodzakelijk is zal het gemeentebestuur deze steeds documenteren. De bedragen van de prijssubsidies kunnen slechts tweemaal per jaar worden herzien en kunnen uitsluitend van toepassing zijn voor toekomstige diensten.

 

Het AGB moet op de 15de werkdag van elk kwartaal aan het gemeentebestuur een overzicht bezorgen van de werkelijk gefactureerde bedragen tijdens het voorbije kwartaal voor het gebruik van de vrijetijdsinfrastructuur welke het bedrag aan te betalen prijssubsidies dient te bevatten. De afrekening van deze prijssubsidies zal gebeuren middels de uitreiking van een debetnota die het AGB uitreikt aan het gemeentebestuur. Het gemeentebestuur dient deze debetnota te betalen aan het AGB binnen de 30 werkdagen na ontvangst.

 

Het gemeentebestuur vestigt de aandacht erop dat de prijssubsidies deel uitmaken van de maatstaf van heffing en derhalve op de factuur dienen te worden vermeld wanneer de uitreiking van een btw-factuur verplicht is.

 

Een nieuw prijssubsidiereglement geldig vanaf 2027 zal worden onderhandeld tussen het gemeentebestuur en het AGB vóór 31 december 2026.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

MJP 2026-2031 - Amendement - Stemming

 

Stemming

Het amendement wordt verworpen met

 

8 stemmen voor

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

13 stemmen tegen

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

1 onthouding

Mieke Kaniszai

 

 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Vaststelling van het meerjarenplan 2026-2031 en kredieten 2026 deel gemeente - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

9 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad stelt zijn deel van het meerjarenplan 2026-2031 vast.

Artikel 2

De gemeenteraad stelt de kredieten van 2026 vast.

Artikel 3

De gemeenteraad keurt de lijst met nominatieve werkingssubsidies 2026, die integraal deel uitmaakt van dit besluit, goed.

Artikel 4

De gemeenteraad vertrouwt de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden voor de lijst van nominatieve investeringen, die integraal deel uitmaken van dit besluit, toe aan het college van burgemeester en schepenen.

Artikel 5

Deze beslissing zal bekend worden gemaakt overeenkomstig DLB art.286 §1 3°:

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links Bijlage1_Beleidsnota_MJP_2025-2030.pdf Download
Presentatie_gemeenteraad_15.12.2025_aanpassing_2025_en_meerjarenplanning_2026-2031.pdf Download
1. Meerjarenplan_Lokaal_Bestuur_Boechout_2026-2031.pdf Download
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Goedkeuring meerjarenplan 2026-2031 en kredieten 2026 deel OCMW - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

9 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het besluit van raad voor maatschappelijk welzijn van 15 december 2025 aangaande het vaststellen van zijn deel van het meerjarenplan 2026-2031 en aangaande het vaststellen van de kredieten 2026 goed.

Artikel 2

Deze beslissing zal bekend gemaakt worden overeenkomstig DLB art.286 §1 3°.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links Bijlage1_Beleidsnota_MJP_2025-2030.pdf Download
1. Meerjarenplan_Lokaal_Bestuur_Boechout_2026-2031.pdf Download
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

Vaststelling gemeentelijke bijdrage 2026 aan de hulpverleningszone Rand - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Enig artikel

Voor het dienstjaar 2026 zal een gemeentelijke bijdrage van € 607.806 als werkingstoelage en € 153.788 als investeringstoelage overgemaakt worden aan hulpverleningszone Rand.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Huishoudelijk reglement vakantiewerking vrije tijd - Aanpassing - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het aangepast huishoudelijk reglement vakantiewerking vrije tijd, zoals toegevoegd in bijlage, goed.

Artikel 2

Het reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links Huishoudelijk_reglement_vakantiewerking_Vrije_Tijd.pdf Download
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Gebruikersreglement materialenbank - Stemming

 

Stemming

17 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Lode Van den Brande, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Tine Bracke, Xander Meeuwesen en Ann Milbau

5 onthoudingen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het uitleenreglement van de materialenbank vrije tijd, in bijlage, goed.

Artikel 2

Het reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links Uitleenreglement_materialenbank_VT.pdf Download
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Gebruikersreglement gemeentelijk feestmateriaal - Stemming

 

Stemming

17 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Lode Van den Brande, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Tine Bracke, Xander Meeuwesen en Ann Milbau

5 onthoudingen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het gebruikersreglement gemeentelijk materiaal, in bijlage, goed.

Artikel 2

Het gebruikersreglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links Gebruikersreglement_gemeentelijk_materiaal.pdf Download
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Gebruikersreglement socio-culturele infrastructuur - Stemming

 

Stemming

14 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

8 onthoudingen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1

De gemeenteraad keurt het gebruikersreglement socio-culturele infrastructuur, in bijlage goed.

Artikel 2

Het reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links Gebruikersreglement_socio-culturele_infrastructuur.pdf Download
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Huisvesting - Gemeentelijk reglement leegstaande woningen en gebouwen (registratie/indicatie) - Stemming

 

Stemming

17 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Lode Van den Brande, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Tine Bracke, Xander Meeuwesen en Ann Milbau

5 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

 

BESLUIT

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van dit reglement gelden onder meer de begripsomschrijvingen van het artikel 1.3 §1, eerste lid, 3°, boek 1 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

Voor de toepassing van dit reglement wordt specifiek volgende definitie verstaan onder:

 Administratie: de gemeentelijke administratieve eenheid en/of intergemeentelijke

administratieve eenheid die door de gemeenteraad wordt belast met het beheer van de gemeentelijke inventaris

 Beroepsinstantie: het college van burgemeester en schepenen

 Beveiligde zending: één van de hiernavolgende betekeningswijzen:

a) een aangetekend schrijven

b) een afgifte tegen ontvangstbewijs

c) een aangetekende elektronische zending.

 Gebouw: elk bebouwd onroerend goed, dat zowel het hoofdgebouw als de

bijgebouwen omvat, met uitsluiting van bedrijfsruimten, vermeld in artikel 2,1° van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten.

 Opnamedatum: de datum waarop het gebouw en/of woning voor de eerste

maal in het leegstandsregister wordt ingeschreven.

 Leegstaand gebouw: gebouw waarvan meer dan de helft van de totale vloer-

oppervlakte niet overeenkomstig de functie van het gebouw wordt aangewend gedurende een periode van ten minste twaalf opeenvolgende maanden. Hierbij wordt geen rekening gehouden met woningen die deel uitmaken van het gebouw.

De functie van het gebouw is deze die overeenkomt met een voor het gebouw of voor gedeelten daarvan afgeleverde of gedane omgevingsvergunning of melding in de zin van artikel 94 van het decreet Ruimtelijke Ordening, met latere wijzigingen, of milieuvergunning of melding in de zin van het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning, met latere wijzigingen. Bij een gebouw waarvoor geen vergunning of melding voorhanden is of waarvan de functie niet duidelijk uit een vergunning of melding blijkt, wordt deze functie afgeleid uit het gewoonlijk gebruik van het gebouw voorafgaand aan het vermoeden van leegstand, zoals dat blijkt uit aangiften, akten of bescheiden.

Een gebouw dat in hoofdzaak gediend heeft voor een economische activiteit, vermeld in artikel 2, 2° van het decreet bedrijfsruimten, wordt niet beschouwd als leegstaand zolang de oorspronkelijke beoefenaar van deze activiteit een gedeelte van het gebouw bewoont en dat gedeelte niet afsplitsbaar is. Een gedeelte is eerst afsplitsbaar indien het na slopen van de overige gedeelten kan worden beschouwd als een afzonderlijke woning die voldoet aan de bouwfysische vereisten.

 Leegstaande woning: woning die gedurende een periode van ten minste 12 opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met de woonfunctie die blijkt uit een omgevingsvergunning of meldingsakte als vermeld in artikel 6 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning die voor die woning is uitgereikt. Bij een woning waarvoor er geen vergunning of melding is, of waarvan de functie niet duidelijk blijkt uit een vergunning of melding, wordt de functie afgeleid uit het gewoonlijk gebruik van de woning dat voorafging aan het vermoeden van leegstand, zoals dat blijkt uit aangiften, akten of bescheiden;

 Leegstandsregister: het gemeentelijk register van leegstaande gebouwen en woningen als vermeld in boek 2, artikel 2.9 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

 Leegstand bij nieuwbouw:

een nieuw gebouw of een nieuwe woning wordt als een leegstaand gebouw of een leegstaande woning beschouwd indien dat gebouw of die woning binnen zeven jaar na de afgifte van een omgevingsvergunning in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig zijn functie.

10°  Verjaardag: het ogenblik van het verstrijken van elke nieuwe periode van twaalf

maanden vanaf de datum van eerste inschrijving, zolang het gebouw en/of de woning niet uit het leegstandsregister is geschrapt.

11°  Woning: een goed vermeld in Art. 1.3 §1, eerste lid, 66° van boek 1 Vlaamse Codex Wonen van 2021.

12°  Zakelijk gerechtigde: de houder van één van de volgende zakelijke rechten:

a) de volle eigendom

b) het recht van opstal of van erfpacht

c) het vruchtgebruik.

 

Artikel 2. Leegstandsregister

§1 De administratie houdt een leegstandsregister bij. Het register leegstand bestaat uit :

        een lijst “leegstaande gebouwen”

        een lijst “leegstaande woningen”.

Een woning die opgenomen is in de inventaris “ongeschikte en/of onbewoonbaar verklaarde woningen” wordt niet opgenomen in het register leegstand.

§2 In elke lijst worden minimaal de volgende gegevens opgenomen :

1° het adres van de leegstaande woning of het leegstaande gebouw;

2° de kadastrale gegevens van de leegstaande woning of gebouw;

3° de identiteit en het adres van de zakelijk gerechtigde(n),

4° het nummer en de datum van de administratieve akte,

5° de indicatie of indicaties die aanleiding hebben gegeven tot de opname.

 

Artikel 3. Registratie van leegstand

§1 Onverminderd de toepassing van 89bis van het Wetboek van Strafvordering heeft de administratie toegang tot de bedrijfsruimten, gebouwen, woningen en kamers om alle voor de registratie noodzakelijke opsporingen en vaststellingen te verrichten.

§2 De door het college van burgemeester en schepenen met de opsporing van leegstand

belaste personeelsleden bezitten de onderzoeks-, controle- en vaststellingsbevoegdheden, vermeld in artikel 6 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invorderingen de geschillenprocedure van provincie- en gemeenteheffingen.

§3 Een leegstaand gebouw of een leegstaande woning wordt opgenomen in het leegstandsregister aan de hand van een genummerde administratieve akte, waarbij één of meerdere foto’s en een beschrijvend verslag, met vermelding van de indicaties die de leegstand staven, gevoegd worden. De datum van de administratieve akte geldt als de datum van de vaststelling van de leegstand en geldt als opnamedatum.

§4 De vaststelling van leegstand wordt vastgesteld op basis van één of meerdere objectieve indicaties zoals vermeld in de volgende lijst:

        het ontbreken van een inschrijving in het bevolkingsregister op het adres van de woning;

        het ontbreken van een aangifte van een tweede verblijf;

        het langdurig aanbieden van het gebouw of van de woning als “te huur” of “te koop”;

        het ontbreken van aansluitingen op nutsvoorzieningen;

        een dermate laag verbruik van de nutsvoorziening dat een gebruik als woning of een gebruik overeenkomstig de functie van het gebouw kan worden uitgesloten;

        het vermoeden van domiciliefraude;

        het vermoeden dat de woning/gebouw niet gebruikt wordt overeenkomstig de vergunde functie;

        de onmogelijkheid om het gebouw en woning te betreden;

        onafgewerkte, vernielde en/of storende elementen aan het gebouw/woning;

        langdurig neergelaten rolluiken;

        uitpuilende of dichtgeplakte of ontbrekende brievenbus;

        namen en opschriften verwijzen niet naar huidige eigenaars, bewoners of gebruikers van het pand;

        niemand valt aan te treffen in de woning of het gebouw, zelfs niet na herhaalde pogingen om aan te bellen of te kloppen aan de deur of pogingen om contact te leggen op het adres van de woning of het gebouw;

        aanvraag om vermindering van onroerende voorheffing naar aanleiding van leegstand of improductiviteit;

        getuigenissen: verklaringen van omwonende(n), postbode, wijkagent, …

 

Artikel 4. Kennisgeving van de registratie

De zakelijk gerechtigde wordt per beveiligde zending in kennis gesteld van de beslissing tot opname in de gemeentelijke register. De kennisgeving bevat:

        de administratieve akte die het beschrijvend verslag omvat;

        informatie met betrekking tot de beroepsprocedure tegen de opname in het leegstandsregister.

 

Artikel 5. Beroep tegen registratie

§1 Binnen een termijn van dertig dagen ingaand de dag na deze van de betekening van het schrijven, vermeld in art 4, kan een zakelijk gerechtigde bij de beroepsinstantie beroep aantekenen tegen de beslissing tot opname in het leegstandsregister. Het beroep wordt per beveiligde zending betekend. Het beroepschrift moet ondertekend zijn en moet minimaal volgende gegevens bevatten:

        de identiteit en het adres van de indiener;

        de aanwijzing van de administratieve akte en van het gebouw of de woning waarop het beroepschrift betrekking heeft;

        de bewijsstukken die aantonen dat de inventarisatie van het gebouw of de woning ten onrechte is gebeurd. De vaststelling van de leegstand kan betwist worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed;

        De datum van indienen van het beroepschrift.

Als het beroepschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair. 

De indiener voegt bij het verzoekschrift de overtuigingsstukken die hij nodig acht.

§2 Zolang de indieningstermijn van dertig dagen niet verstreken is, kan een vervangend beroepschrift ingediend worden, waarbij het eerdere beroepschrift als ingetrokken wordt beschouwd.

§3 Elk inkomend beroepschrift wordt in de gemeentelijke register geregistreerd en aan de indiener wordt een ontvangstbevestiging verstuurd. 

§4 Het beroepschrift is niet ontvankelijk:

        als het te laat is ingediend of niet is ingediend overeenkomstig de bepalingen in art 5§1 van dit reglement of;

        als het beroepschrift niet uitgaat van een zakelijk gerechtigde, zoals bedoeld in artikel 1,15°. van dit reglement of;

        als het beroepschrift niet is ondertekend.

§5 Als het beroepschrift niet ontvankelijk is, deelt de beroepsinstantie dit mee aan de indiener met de vermelding dat de procedure als afgehandeld wordt beschouwd.

§6 De beroepsinstantie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke beroepschriften op stukken als de feiten vatbaar zijn voor directe, eenvoudige vaststelling of met een feitenonderzoek, dat uitgevoerd wordt door het met de opsporing van leegstaande gebouwen en woningen belaste personeelslid. Het beroep wordt geacht ongegrond te zijn als de toegang tot een gebouw of een woning geweigerd of verhinderd wordt voor het feitenonderzoek.

§7 De beroepsinstantie doet uitspraak over het beroep en betekent zijn beslissing aan de indiener ervan binnen een termijn van negentig dagen, ingaand de dag na deze van de betekening van het beroepschrift. De uitspraak wordt per beveiligde zending betekend. Als de beroepsinstantie het beroep gegrond acht, of nalaat binnen de termijn van negentig dagen kennis te geven van zijn beslissing, kunnen de eerder gedane vaststellingen geen aanleiding geven tot een nieuwe beslissing tot opname in de gemeentelijke register.

§8 Indien de beslissing tot opname in de gemeentelijke register niet tijdig betwist wordt, of het beroep van de zakelijk gerechtigde onontvankelijk of ongegrond is, neemt de administratie het gebouw of de woning in de gemeentelijke register op vanaf de datum van de vaststelling van de leegstand.

§9 De houder van het zakelijk recht kan tegen de beroepsbeslissing van het college van burgemeester en schepenen hoger beroep instellen bij de rechtbank van eerste aanleg binnen een termijn van drie maanden.

 

Artikel 6. Schrapping uit het gemeentelijk register

§1 Een woning wordt uit het leegstandsregister geschrapt als een zakelijk gerechtigde bewijst dat de woning gedurende een termijn van ten minste zes opeenvolgende maanden ononderbroken bewoond is of aangewend wordt in overeenstemming met de functie. De datum van schrapping is de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de woonfunctie. Het effectief gebruik zal blijken uit de inschrijvingen in de bevolkingsregisters of desgevallend na een plaatsbezoek.

Een gebouw wordt uit het leegstandsregister geschrapt als een zakelijk gerechtigde bewijst dat meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte overeenkomstig de functie, aangewend wordt gedurende een termijn van ten minste zes opeenvolgende maanden.

De datum van schrapping is de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de functie.

§2  Voor de schrapping uit het leegstandsregister richt de zakelijk gerechtigde een gemotiveerd verzoek aan de administratie, via beveiligde zending. Dit verzoek bevat:

        de identiteit en het adres van de indiener;

        de aanwijzing van de administratieve akte van het gebouw of de woning waarop de vraag tot schrapping betrekking heeft;

        de bewijsstukken overeenkomstig  art 6 §1 die aantonen dat de woning of het gebouw geschrapt mag worden uit het register.

        De datum van indien van het verzoek.

De administratie onderzoekt of er redenen zijn tot schrapping uit het leegstandsregister en neemt een beslissing binnen een termijn van orde van twee maanden na de ontvangst van het verzoek. De administratie brengt de verzoeker op de hoogte van haar beslissing met een beveiligde zending.

Tegen de beslissing tot weigering van schrapping kan de eigenaar beroep aantekenen volgens de procedure bepaald in artikel 5.

 

Artikel 7. Slotbepalingen

§1 Dit reglement treedt in werking vanaf de goedkeuring door de gemeenteraad.

§2 De gemeenteraad belast het college van burgemeester en schepenen met de uitvoering van dit besluit.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Huisvesting - Gemeentelijk reglement verwaarloosde woningen en gebouwen (registratie) - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van dit reglement wordt begrepen onder:

  1. Beveiligde zending: één van de hiernavolgende betekeningswijzen:

a) een aangetekend schrijven

b) een afgifte tegen ontvangstbewijs

c) een aangetekende elektronische zending

  1. Beroepsinstantie: het college van burgemeester en schepenen.
  2. Gebouw: elk bebouwd onroerend goed, dat zowel het hoofdgebouw als de bijgebouwen omvat, met uitzondering van de bebouwde onroerende goederen die vallen onder de toepassing van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten.
  3. Gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen: het register vermeld in artikel 3, §1 van dit reglement en artikel 2.15 van de Vlaamse Codex Wonen.
  4. Registerbeheerder: de gemeentelijke administratieve eenheid en/of intergemeentelijke administratieve eenheid die door het gemeentebestuur wordt belast met de opmaak, het beheer en de actualisering van het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.
  5. Registratiedatum: de datum waarop een woning of een gebouw met toepassing van artikel 4 van dit reglement in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen is opgenomen.
  6. Verwaarlozing: een gebouw, ongeacht of het dienst doet als woning, wordt beschouwd als verwaarloosd, wanneer het ernstige zichtbare en storende gebreken of tekenen van verval vertoont aan buitenmuren, voegwerk, schoorstenen, dakbedekking, dakgebinte, buitenschrijnwerk, kroonlijst of dakgoten.
  7. Woning : een goed vermeld in artikel 1.3 §1, eerste lid 66°, Boek 1 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021 (elk onroerend goed of deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande).
  8. Zakelijk gerechtigde: de houder van één van de volgende zakelijke rechten:

 a) de volle eigendom;

 b) het recht van opstal of van erfpacht;

 c) het vruchtgebruik.

 

Artikel 2. Vaststelling van de verwaarlozing

De door het college van burgemeester en schepenen met de opsporing van verwaarloosde woningen en gebouwen belaste personeelsleden, stellen de verwaarlozing van een woning of een gebouw vast in een genummerde administratieve akte, aan de hand van een beschrijvend  verslag dat als bijlage is toegevoegd aan dit reglement. Er is sprake van verwaarlozing als er sprake is van minimaal 12 indicaties.

De verwaarlozing van een bouwonderdeel is algemeen aanwezig wanneer ze aanwezig is over het hele onderdeel zoals te zien vanaf het openbaar domein. Onderdelen die niet zichtbaar zijn vanaf het openbaar domein blijven buiten de beoordeling en beïnvloeden de score noch in positieve noch in negatieve zin. Aan het verslag wordt minstens één foto van de woning of het gebouw toegevoegd.

 

Artikel 3. Gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen

§1. De gemeente houdt een gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen bij. In dit register worden minimaal de volgende gegevens opgenomen:

        het nummer en de datum van de administratieve akte;

        de toestand van verwaarlozing van de woning of het gebouw, inclusief het beschrijvend verslag;

        de eventuele ligging binnen de grenzen van een door de bevoegde overheid goedgekeurd onteigeningsplan;

        het adres van de verwaarloosde woning of het verwaarloosde gebouw;

        de kadastrale gegevens van de verwaarloosde woning of het verwaarloosde gebouw;

        de identiteit en het adres van alle zakelijk gerechtigden;

        de eventuele voorbereiding van een onteigeningsplan waarbinnen het verwaarloosd gebouw zich situeert.

 

Artikel 4. Registratie van verwaarloosde woningen en gebouwen

§1. De registerbeheerder neemt een woning of een gebouw, waarvan is vastgesteld dat het verwaarloosd is, op in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen, de vijfde werkdag na het verstrijken van de beroepstermijn vermeld in artikel 6, §1, tweede lid, 4° of, wanneer een ontvankelijk beroep is ingediend, de eerste werkdag die volgt op de beslissing waarbij geoordeeld wordt dat het beroep ongegrond is.

§2. Een woning die of een gebouw dat opgenomen is in het gemeentelijk register van leegstaande gebouwen of woningen, kan eveneens worden opgenomen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

§3. Een woning die opgenomen is in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen, kan eveneens worden opgenomen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

 

Artikel 5. Kennisgeving van de registratie

Alle zakelijk gerechtigden, zoals bekend bij de administratie van het Kadaster, de Registratie en de Domeinen, worden met een beveiligde zending in kennis gesteld van de beslissing tot opname  in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

Deze kennisgeving bevat:

        de genummerde administratieve akte;

        het beschrijvend verslag;

        informatie over de gevolgen van de registratie, inclusief verwijzing naar dit reglement;

        informatie over de beroepsprocedure tegen de opname in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen;

        informatie over de mogelijkheid tot schrapping uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

De beveiligde zending wordt gericht aan de woonplaats van de zakelijk gerechtigde(n). Is een woonplaats van een zakelijk gerechtigde niet gekend, dan wordt de beveiligde zending gericht aan zijn verblijfplaats. Is de verblijfplaats van een zakelijk gerechtigde niet gekend, dan vindt de betekening plaats aan het adres van de woning of het gebouw waarop de administratieve akte betrekking heeft.

 

Artikel 6. Beroep tegen de registratie

§1. Binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat de dag na de datum van de beveiligde zending vermeld in artikel 5, kan een houder van het zakelijk recht bij de beroepsinstantie beroep aantekenen tegen de beslissing tot opname in het verwaarlozingsregister.

Op straffe van nietigheid moet het beroepschrift:

  1. ondertekend en gemotiveerd zijn;
  2. met een beveiligde zending worden ingediend;
  3. minimaal de volgende gegevens bevatten:

 a) de identiteit en het adres van de indiener;

 b) de vermelding van het nummer van de administratieve akte;

 c) de vermelding van het adres van de woning of het gebouw waarop het bezwaarschrift betrekking heeft;

§2. Een laattijdig ingediend beroep tegen een registratie wordt behandeld als een verzoek tot schrapping als vermeld in Artikel 7. Bij betekening per aangetekend schrijven geldt de datum van verzending als datum van de indiening van het beroepschrift.

§3. De vaststelling van de verwaarlozing kan betwist worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed.

§4. Als het beroepschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.

§5. De registerbeheerder stuurt aan de indiener van een beroepschrift een ontvangstbevestiging.

§ 6.De beroepsinstantie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke beroepschriften. Het onderzoek gebeurt op stukken als de feiten vatbaar zijn voor een directe, eenvoudige vaststelling. Als een onderzoek op stukken niet volstaat, wordt een feitenonderzoek uitgevoerd door de met opsporing van verwaarloosde woningen en gebouwen belaste personeelsleden.

§7. De beroepsinstantie doet uitspraak over het beroep en betekent zijn beslissing met een beveiligde zending aan de indiener ervan, binnen een termijn van orde van negentig dagen, die ingaat de dag na de betekening van het beroepschrift.

§8. Wordt het beroep ingewilligd, dan wordt de woning of het gebouw niet opgenomen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

§9 De houder van het zakelijk recht kan tegen de beroepsbeslissing van het college van burgemeester en schepenen hoger beroep instellen bij de rechtbank van eerste aanleg binnen een termijn van drie maanden.

 

 

Artikel 7. Schrapping uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen

§1. De registerbeheerder schrapt een woning of een gebouw uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen wanneer de zakelijk gerechtigde bewijst dat de woning of het gebouw geen indicaties van verwaarlozing meer vertoont die bij quotering in het model van beschrijvend verslag, vermeld in artikel 2, 12 punten of meer zouden opleveren. De zakelijk gerechtigde richt hiertoe een schriftelijk verzoek aan de registerbeheerder.

Op straffe van nietigheid moet dit verzoek:

  1. ondertekend en gemotiveerd zijn;
  2. met een beveiligde zending worden ingediend;
  3. minimaal de volgende gegevens bevatten:

 a) de identiteit en het adres van de indiener;

   b) de vermelding van het adres van de woning of het gebouw waarop het verzoek betrekking heeft.

Bij betekening per aangetekend schrijven geldt de datum van verzending als datum van indiening van het verzoek tot schrapping uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

§2. De beëindiging van de staat van verwaarlozing kan aangetoond worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed.

§3 Als het verzoek tot schrapping ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.

§4. De registerbeheerder stuurt aan de indiener van het verzoek tot schrapping een ontvangstbevestiging.

§5. De registerbeheerder onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke verzoeken tot schrapping. Het onderzoek gebeurt op stukken als de feiten vatbaar zijn voor een directe, eenvoudige vaststelling. Als een onderzoek op stukken niet volstaat, wordt een feitenonderzoek uitgevoerd door de met opsporing van verwaarloosde woningen en gebouwen belaste personeelsleden.

§6. De registerbeheerder doet uitspraak over het verzoek tot schrapping en betekent zijn beslissing met een beveiligde zending aan de indiener ervan, binnen een termijn van negentig dagen die ingaat de dag na de betekening van verzoek. Als de kennisgeving vermeld in het eerste lid niet is gebeurd binnen de voorziene termijn, wordt het verzoek tot schrapping geacht te zijn ingewilligd.

§7. Wordt het verzoek ingewilligd, dan wordt de woning of het gebouw geschrapt uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen. De datum van betekening van het verzoek tot schrapping geldt als datum van schrapping uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen. 

 

Artikel 8. Beroep tegen de weigering tot schrapping

§1. Tegen de beslissing tot weigering van de schrapping van een woning of gebouw uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen kan de zakelijk gerechtigde beroep aantekenen bij de beroepsinstantie. Op straffe van nietigheid moet dit beroep:

  1. ondertekend en gemotiveerd zijn;
  2. met een beveiligde zending worden ingediend;
  3. minimaal de volgende gegevens bevatten:

a) de identiteit en het adres van de indiener;

b) de vermelding van het adres van de woning of het gebouw waarop het verzoek   betrekking heeft;

c) de weigeringsbeslissing;

  1. worden betekend binnen een termijn van 30 dagen die ingaat de dag na de betekening van de weigeringsbeslissing.

§2. De beëindiging van de staat van verwaarlozing kan aangetoond worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed.

§3 Als het beroepschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.

§4. De administratie stuurt aan de indiener van het beroep een ontvangstbevestiging.

§5. De beroepsinstantie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke beroepen. Het onderzoek gebeurt op stukken als de feiten vatbaar zijn voor een directe, eenvoudige vaststelling. Als een onderzoek op stukken niet volstaat, wordt een feitenonderzoek uitgevoerd door de met opsporing van verwaarloosde woningen en gebouwen belaste personeelsleden.

§6. De beroepsinstantie doet uitspraak over het beroep en betekent zijn beslissing met een beveiligde zending aan de indiener ervan, binnen een termijn van negentig dagen die ingaat de dag na de betekening van beroepschrift.

Als de kennisgeving vermeld in het eerste lid niet is gebeurd binnen de voorziene termijn, wordt het beroep geacht te zijn ingewilligd.

§7. Wordt het beroep ingewilligd, dan wordt de woning of het gebouw geschrapt uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

 

 Artikel 9. Slotbepalingen

§1 Dit reglement treedt in werking vanaf de goedkeuring door de gemeenteraad.

§2 De gemeenteraad belast het college van burgemeester en schepenen met de uitvoering van dit besluit.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

GECORO - Huishoudelijk reglement - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Enig artikel

De gemeenteraad keurt het huishoudelijk reglement zoals opgemaakt door de GECORO goed.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Punt bijlagen/links Huishoudelijk_reglement_GECORO_2025-2030.pdf Download
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Aanvullende  belasting op de personenbelasting (APB) - Aanslagjaren 2026 - 2031 - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

6 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande en Bjorn Aertgeerts

3 onthoudingen

Mieke Kaniszai, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

De gemeenteraad beslist voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 een aanvullende gemeentebelasting vast te stellen op de belasting op de natuurlijke personen die op 1 januari van het betrokken aanslagjaar in de gemeente gedomicilieerd zijn.

 

Artikel 2 - Tarief van de belasting

Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 wordt de belasting vastgesteld op 7,1 % van de overeenkomstig artikel 466 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar.

Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingplichtige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande jaar.

 

Artikel 3 - Inkohiering

De vestiging en de inning van de gemeentelijke belasting zullen door het toedoen van het bestuur der directe belastingen geschieden, zoals bepaald in artikel 469 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen.

 

Artikel 4 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing (OV) - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

14 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

6 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande en Bjorn Aertgeerts

2 onthoudingen

Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving en tarieven

Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 worden er ten voordele van de gemeente opcentiemen op de onroerende voorheffing gevestigd als volgt:

 

Categorie

Waarde aanslagjaar

Toelichting

BASIS

930,00

Basis opcentiemen: niet-geïndexeerd belastbaar KI kleiner dan of gelijk aan €3.000,00

CATEGORIE 1

975,00

Opcentiemen voor grote percelen – schijf 1: niet-geïndexeerd belastbaar KI groter dan € 3.000,00

 

Artikel 2 - Inning

De vestiging en de inning van de gemeentebelasting gebeuren door toedoen van de Vlaamse Belastingdienst.

 

Artikel 3 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Gemeentelijke opcentiemen op de door het Vlaams Gewest geheven heffing ongeschikte en onbewoonbare woningen - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

21 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Bruno Doms, Lode Van den Brande, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Bjorn Aertgeerts, Xander Meeuwesen en Ann Milbau

1 onthouding

Tine Bracke

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

De gemeente heft voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031, 100 opcentiemen op de gewestelijke heffing ongeschikt en onbewoonbare woningen.

 

Artikel 2 - Inning

De gemeente doet beroep op de medewerking van de Vlaamse Belastingdienst voor de inning van deze opcentiemen.

 

Artikel 3 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Gemeentelijke opcentiemen leegstand verwaarlozing bedrijfsruimte - Stemming

 

Stemming

19 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Bjorn Aertgeerts en Xander Meeuwesen

3 onthoudingen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 voor een termijn van zes jaar, eindigend op 31 december 2026 worden er 100 opcentiemen geheven op de heffing van het Vlaamse Gewest ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten.

 

Artikel 2 - Inning

De gemeente doet beroep op de medewerking van de Vlaamse Belastingdienst voor de inning van deze opcentiemen.

 

Artikel 3 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Activeringsheffing op onbebouwde bouwgronden in woongebied en op onbebouwde kavels - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

5 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

4 onthoudingen

Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1. Begripsomschrijving

Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:

  1. Bouwgronden: gronden, met uitsluiting van kavels, die palen aan een voldoende uitgeruste weg in de zin van artikel 4.3.5 VCRO en gelegen zijn in een woongebied of in een woonuitbreidingsgebied dat reeds voor bebouwing vrijgegeven is volgens een vrijgavebesluit van de gemeenteraad op grond van artikel 5.6.10 en volgende van de VCRO.
  2. Kavels: de in een verkavelingsvergunning van een niet vervallen verkaveling afgebakende percelen.
  3. Onbebouwd: beantwoordend aan de criteria voor opname in het register van onbebouwde percelen, gesteld bij en krachtens artikel 5.6.1 VCRO.
  4. Register van onbebouwde percelen: het register, vermeld in artikel 5.6.1 VCRO.
  5. Sociale woonorganisatie: een organisatie, vermeld in artikel 1.3, §1, eerste lid, 53° Vlaamse Codex Wonen.

 

Artikel 2. Belastingtermijn en belastbare grondslag

De gemeente Boechout heft met ingang van 1 januari 2026 en voor een periode eindigend op 31 december 2031, een jaarlijkse rechtstreekse belasting op de onbebouwde bouwgronden en kavels die voorkomen in het gemeentelijk register van onbebouwde percelen.

 

Artikel 3. Belastingplichtige

§1 De activeringsheffing bezwaart het eigendom en is verschuldigd door de persoon die op 1 januari van het heffingsjaar eigenaar is van de bouwgrond of kavel.

§2 Ingeval van overdracht van eigendom is de nieuwe eigenaar de belasting verschuldigd met ingang van 1 januari die volgt op de datum waarop de overdracht van rechten onder de partijen heeft plaats gehad.

Als datum van overdracht van rechten onder partijen wordt genomen de datum van het verlijden van de akte voor de notaris.

§3 Indien er een recht van opstal of erfpacht bestaat, is de activeringsheffing verschuldigd door de erfpachter of de opstalhouder.

§4 Zo er meerdere heffingsplichtigen zijn, zijn deze hoofdelijk gehouden tot betaling van de verschuldigde activeringsheffing.

§ 5 In geval dat sommige van de mede-eigenaars van de belasting vrijgesteld zijn, wordt de belasting enkel gevorderd van de niet-vrijgestelde mede-eigenaars in verhouding tot hun aandeel in het belaste perceel.

 

Artikel 4. Tarief

§1 Het bedrag wordt vastgesteld op € 25 per strekkende meter lengte van de kavel palende aan de straat, evenwel met een minimale aanslag van € 250 per bouwgrond of kavel.

§2 Wanneer een onbebouwde bouwgrond in woongebied of een onbebouwde kavel paalt aan twee of meer straten, zal de grootste perceelbreedte langs één van die straten genomen worden voor de berekening van de activeringsheffing.

§3 Wanneer het een hoekperceel betreft, wordt de grootste perceelbreedte genomen, vermeerderd met de helft van de afgesneden of afgeronde hoek.

Onder hoekperceel wordt verstaan het perceel waarvan de hoek gevormd door het snijpunt der rooilijnen minder dan 135° bedraagt.

§4 De bedragen vermeld in §1 zijn gekoppeld aan de evolutie van de ABEX–index en worden jaarlijks op 1 januari aangepast aan het ABEX–indexcijfer dat van toepassing was in de maand november voorafgaand aan het eerste aanslagjaar (2026).

 

Artikel 5. Vrijstellingen

Van de activeringsheffing zijn vrijgesteld:

 

        De eigenaars van één enkele onbebouwde bouwgrond in woongebied bij uitsluiting van enig ander onroerend goed, al dan niet bebouwd, gelegen in België of in het buitenland. Deze vrijstelling kan enkel en alleen bekomen worden door het afleveren van een attest van het kantoor der Registratie en Domeinen van hun woongebied waarin wordt bevestigd dat de eigenaar op 1 januari van het aanslagjaar slechts eigenaar is van één enkele onbebouwde bouwgrond bij uitsluiting van enig ander onroerende goed, al dan niet bebouwd, in België of in het buitenland;
Deze vrijstelling kan slechts aangevraagd worden gedurende de vijf kalenderjaren die volgen op de verwerving van het goed.

        De Vlaamse Maatschappij Voor Sociaal Wonen en de door de Vlaamse Maatschappij Voor Sociaal Wonen erkende sociale huisvestingsmaatschappijen zoals vermeld in het decreet over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020 houdende de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

        De bouwheren of verkavelaars, in zoverre zij zich in een samenwerkingsovereenkomst met de gemeente hebben verbonden aan de uitvoering van een sociale en/of stedenbouwkundige last.

        De goederen van het openbaar domein en de goederen van privaat domein die voor een dienst van openbaar nut worden aangewend.

        De door de overheid erkende verenigingen.

        Op bouwgronden en kavels die tijdens het heffingsjaar niet voor bebouwing kunnen worden bestemd n.a.v.:

        hun inrichting als collectieve voorzieningen, inclusief hun aanhorigheden;

        de pachtwet van 4 november 1969, waarbij het bewijs van de pacht door alle middelen rechtens mag worden gegeven;

        hun werkelijke en volledige aanwending voor land- en tuinbouw gedurende het hele jaar;

        een bouwverbod of enige andere erfdienstbaarheid tot openbaar nut die woningbouw onmogelijk maakt;

        een vreemde oorzaak die de heffingsplichtige niet kan worden toegerekend, zoals de beperkte omvang van de bouwgronden of kavels, of hun ligging, vorm of fysieke toestand.

        De ouders met kinderen ten laste, beperkt tot één onbebouwde bouwgrond in woongebied of één onbebouwde kavel per kind ten laste. Deze vrijstelling wordt toegekend op voorwaarde dat het kind :

        op 1 januari van het heffingsjaar de leeftijd van dertig jaar nog niet heeft bereikt én

        het kind nog geen volle drie jaar een onbebouwde bouwgrond in woongebied, een onbebouwde kavel of een woning in volle eigendom heeft, alleen of met de persoon met wie hij gehuwd is of wettelijk of feitelijk samenwoont.

Deze vrijstelling geldt maar gedurende de vijf kalenderjaren die volgen op de verwerving van het goed.

        De houders van een in laatste administratieve aanleg verleende verkavelingsvergunning en dit gedurende één jaar, te rekenen vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op de afgifte van de vergunning in laatste administratieve aanleg, respectievelijk wanneer de verkaveling werken omvat, vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op het jaar van afgifte van het attest, vermeld in artikel 4.2.16 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. (bedoeld wordt het attest van het college van burgemeester en schepenen waaruit blijkt dat het geheel van de lasten zoals opgenomen in de verkavelingsvergunning zijn uitgevoerd of dat voor de uitvoering van de lasten een afdoende financiële waarborg is gestort in handen van de gemeenteontvanger of in zijn voordeel op onherroepelijke wijze door een bankinstelling is verleend).
Wanneer de verwezenlijking van de verkaveling in fasen wordt vergund, zijn de bepalingen van dit artikel “mutatis mutandis” op de delen van elke fase van toepassing.

 

Artikel 6. Aangifteplicht

§1 De belastingplichtige ontvangt vanwege het gemeentebestuur een aangifteformulier dat door hem, behoorlijk ingevuld en ondertekend, vóór de erin vermelde vervaldatum moet worden teruggestuurd.

§2 De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen, is gehouden uiterlijk op 31 maart van het belastingjaar, aan het gemeentebestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen.

 

Artikel 7. Inkohiering

De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

 

Artikel 8  Betalingstermijn

Het bedrag van de ingekohierde belasting moet worden betaald binnen de twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

 

Artikel 9. Bezwaar

De belastingplichtige kan tegen deze belasting bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde kalenderdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 10. Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op aanplakborden - Aanslagjaren 2026 - 2031 - Stemming

 

Stemming

20 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Bruno Doms, Lode Van den Brande, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Bjorn Aertgeerts en Xander Meeuwesen

2 onthoudingen

Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Onder aanplakborden wordt verstaan:

elke constructie in onverschillig welk materiaal, geplaatst langs de openbare weg of op een plaats in openlucht die zichtbaar is vanaf de openbare weg, waarop reclame wordt aangebracht door aanplakking, vasthechting, schildering of door elk ander middel.

Worden gelijkgesteld met genoemde borden, de muren of gedeelten van muren, omheiningen en elke andere constructie, al dan niet verplaatsbaar, die gehuurd of gebruikt worden om reclame erop aan te brengen.

 

Artikel 2 - Belastingtermijn

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een belasting vastgesteld op aanplakborden die ten minste één vierkante meter oppervlakte hebben.

 

Artikel 3 - Belastbare grondslag en tarief

Het bedrag van de belasting bedraagt:

        € 100 per vierkante meter voor vaste en verplaatsbare aanplakborden;

        € 200 per vierkante meter voor aanplakborden, zoals gedefinieerd in artikel 1 maar waarop op één of andere manier verlichting is aangebracht of waarop licht is gericht;

        € 200 per vierkante meter voor rollende aanplakborden.

De gedeelten van elke vierkante meter worden steeds afgerond naar boven.

Voor een bord wordt als belastbare oppervlakte de publicitair nuttige oppervlakte in aanmerking genomen, zijnde de volledige binnenoppervlakte van het bord, zonder de lijst. Voor de muren en afsluitingen beperkt de belastbare oppervlakte zich tot het beschilderde of het beplakte deel ervan, of tot de oppervlakte, die bekomen wordt door een rechthoek, waarbij de uiterste punten van een op een andere wijze vastgehechte reclame de raakpunten vormen.

 

Artikel 4 - Belastingplichtige

Wordt als belastingplichtige aangesproken de natuurlijke of rechtspersoon, die de beschikking (vrij gebruik) heeft over het aanplakbord; is deze niet gekend, de eigenaar van de grond waarop het bord geplaatst is of de eigenaar van de muur of de afsluiting waarop de reclame is aangebracht.

 

Artikel 5 - Termijn van de belasting

De belasting is verschuldigd voor gans het jaar, ongeacht het tijdstip in de loop van het belastingjaar waarop het betrokken bord wordt geplaatst, in gebruik genomen of weggenomen.

 

Artikel 6 - Vrijstellingen

De belasting is niet verschuldigd voor:

  1. de borden, geplaatst door openbare besturen, openbare instellingen of instellingen van openbaar nut, voor zover geen winstgevend doel wordt nagestreefd;
  2. de borden die alleen gebruikt worden voor notariële aankondigingen;
  3. de borden die alleen gebruikt worden ter gelegenheid van de wettelijk voorziene verkiezingen binnen de wettelijk vastgestelde termijn;
  4. de borden, alhoewel zichtbaar vanaf de openbare weg, geplaatst op sportterreinen en gericht naar de plaats van sportbeoefening;
  5. de borden die alleen gebruikt worden voor aankondiging van de eigen firmanaam op de plaats waar de bedrijfsuitbating gevestigd is;
  6. de borden geplaatst door politieke, culturele, sociale of godsdienstige organisaties, wanneer het gaat om aankondigingen van hun eigen activiteiten op politiek, cultureel, sociaal of godsdienstig vlak, op voorwaarde dat die borden niet langer dan één maand voor de aankondiging van hun activiteit aangewend zijn.

 

Artikel 7 - Aangifte

De belastingplichtige ontvangt vanwege het gemeentebestuur een aangifteformulier dat door hem, behoorlijk ingevuld en ondertekend moet worden teruggestuurd, binnen een maand vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aangifteformulier.

De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen, is gehouden uiterlijk op 1 april van het jaar volgend op het aanslagjaar aan het gemeentebestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen.

Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep. Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het college aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting. De belastingplichtige beschikt over een termijn van 30 kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van die kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.

 

Artikel 8 - Inkohiering

De invordering van de belasting geschiedt door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met een bedrag gelijk aan de verschuldigde belasting en in geval van herhaling aan het dubbel van het bedrag. Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

 

Artikel 9 - Indexering

De tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag.

Het zo verkregen getal wordt afgerond op de hogere halve euro.

 

Artikel 10 - Betalingstermijn

Aan de belastingplichtige wordt kosteloos een aanslagbiljet toegezonden.

De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

 

Artikel 11 - Bezwaar

De belastingschuldige kan tegen deze belasting bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30/05/2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 12 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op afgifte administratieve stukken dienst burger - Aanslagjaar 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

19 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Bjorn Aertgeerts en Xander Meeuwesen

3 onthoudingen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Deze belasting is een contantbelasting en wordt geheven op het ogenblik van de afgifte van het belastbare stuk. Een ontvangstbewijs wordt afgeleverd. De aan de belasting onderworpen personen of instellingen die een verzoek tot het verkrijgen van een of ander stuk indienen, moeten op het ogenblik van de aanvraag het bedrag van de belasting in bewaring geven indien dit document niet onmiddellijk bij de aanvraag kan afgeleverd worden.

 

Artikel 2 - Belastbare grondslag en tarief

Het bedrag van de belasting wordt als volgt bepaald:

Identiteitskaarten en verblijfskaarten voor vreemdelingen

Normale procedure:

Voor de afgifte van een elektronische identiteitskaart aan Belgen en voor de afgifte van een elektronisch verblijfsdocument aan vreemdelingen: € 5,5, te vermeerderen met de federale aanmaakkost.

Voor de afgifte van een elektronisch identiteitsdocument aan Belgen jonger dan 12 jaar en voor de afgifte van een elektronisch verblijfsdocument aan vreemdelingen jonger dan 12 jaar: € 0, te vermeerderen met de federale aanmaakkost.

Bij verlies of diefstal:

Voor de afgifte van een elektronische identiteitskaart aan Belgen en voor de afgifte van een elektronisch verblijfsdocument aan vreemdelingen: € 5,5, te vermeerderen met de federale aanmaakkost.

Voor de afgifte van een elektronisch identiteitsdocument aan Belgen jonger dan 12 jaar en voor de afgifte van een elektronisch verblijfsdocument aan vreemdelingen jonger dan 12 jaar: € 5,5, te vermeerderen met de federale aanmaakkost.

Spoedprocedure:

Voor de afgifte van een elektronische identiteitskaart aan Belgen en voor de afgifte van een elektronisch verblijfsdocument aan vreemdelingen: € 11, te vermeerderen met de federale aanmaakkost.

Voor de afgifte van een elektronisch identiteitsdocument aan Belgen jonger dan 12 jaar en voor de afgifte van een elektronisch verblijfsdocument aan vreemdelingen jonger dan 12 jaar: € 11, te vermeerderen met de federale aanmaakkost.

• Attest voor immatriculatie van vreemdelingen

€ 5,50 voor een eerste exemplaar of tegen teruggave van de vorige

€ 11,00 voor een duplicaat

• Paspoorten en reisdocumenten voor vreemdelingen

Normale procedure:

Voor de afgifte van een paspoort aan Belgen en voor de afgifte van een reisdocument voor vreemdelingen: € 11, te vermeerderen met de federale aanmaakkost.

Voor de afgifte van een paspoort aan Belgen jonger dan 18 jaar en voor de afgifte van een reisdocument voor vreemdelingen jonger dan 18 jaar: € 0, te vermeerderen met de federale aanmaakkost.

Spoedprocedure:

Voor de afgifte van een paspoort aan Belgen en voor de afgifte van een reisdocument voor vreemdelingen: € 22, te vermeerderen met de federale aanmaakkost.

Voor de afgifte van een paspoort aan Belgen jonger dan 18 jaar en voor de afgifte van een reisdocument voor vreemdelingen jonger dan 18 jaar: € 0, te vermeerderen met de federale aanmaakkost.

• Rijbewijs, voorlopig rijbewijs en internationaal rijbewijs

Normale procedure

€ 5,50 te vermeerderen met de federale aanmaakkost

Bij verlies of diefstal

€ 11,00 te vermeerderen met de federale aanmaakkost

 

Artikel 3 - Vrijstellingen

De stukken die krachtens de wet, een koninklijk besluit of een andere overheidsverordening kosteloos dienen afgeleverd te worden door het gemeentebestuur zijn van de belasting vrijgesteld

 

Artikel 4 - Bezwaar

De belastingschuldige kan tegen deze belasting bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 5 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen. De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op bouwen, verbouwen en herbouwen - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

14 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

8 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

De gemeente Boechout heft met ingang van 1 januari 2026 en voor een periode eindigend op 31 december 2031, een éénmalige belasting op het verharden, bouwen, herbouwen en het uitbreiden van gebouwen en constructies op heel haar grondgebied en waarvoor in toepassing van het omgevingsdecreet een voorafgaandelijke melding of omgevingsvergunning vereist is. De belasting is niet van toepassing op handelingen die vrijgesteld zijn van vergunningsplicht.

 

Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:

 

        Gebouw: elk in harde materialen opgetrokken bouwwerk rechtstreeks of onrechtstreeks van een dak voorzien alsook het houten gebouw met harde materialen gedekt en zodanig opgericht dat het een bestendig karakter heeft.

        Herbouwen: een constructie volledig afbreken, of meer dan 40 % van de buitenmuren van een constructie afbreken, en binnen het bestaande bouwvolume van de geheel of gedeeltelijk afgebroken constructie een nieuwe constructie bouwen;

        Verbouwen: aanpassingswerken doorvoeren binnen het bestaande bouwvolume van een constructie waarvan de buitenmuren voor ten minste 60% behouden blijven

        Uitbreiden: het vergroten van het totale bouwvolume van de constructie

        Bouwvolume: het bruto-bouwvolume van een constructie en haar fysisch aansluitende aanhorigheden die in bouwtechnisch opzicht een rechtstreekse aansluiting of steun vinden bij het hoofdgebouw, zoals een aangebouwde garage, veranda of berging, gemeten met inbegrip van buitenmuren en dak, en met inbegrip van de onderkeldering onder het maaiveld.

        Verharding: de oppervlakte waarvan de natuurlijke bodem gewijzigd is door het te bedekken of de aard te veranderen. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen waterdoorlatende en niet-waterdoorlatende verhardingen. Zwembaden, zwemvijvers, siervijvers en zonnepanelen geplaatst op de grond worden ook beschouwd als verhardingen. Ondergrondse constructies zonder bovenbouw zullen ook beschouwd worden als verhardingen voor de berekening van de belasting. Ondergrondse constructies die in horizontale oppervlakte groter zijn dan de constructies boven het maaiveld worden voor wat betreft de berekening van de belasting beschouwd als verharding.

        Woning: elk gebouw of het deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande

 

Artikel 2 - Belastbare grondslag

De belasting heeft tot grondslag de inhoud van de gebouwde, herbouwde of uitgebreide delen, uitgedrukt in m³ en van de oppervlakte van de aangelegde verhardingen, meer dan de vrijgestelde oppervlakte, uitgedrukt in m².

De gemeenschappelijke muren alsmede deze bestemd om later gemeenschappelijk te worden, dienen slechts meegerekend te worden voor de helft van hun dikte.

Indien een bestaand gebouw wordt uitgebreid, wordt de belasting berekend volgens de uitbreiding van het bouwvolume. Indien het totale bouwvolume verkleint, is geen belasting verschuldigd.

De belasting is tevens verschuldigd op de regularisatie van bestaande constructies.

De eigendommen gelegen op de grenslijn worden slechts belast voor het gedeelte dat op het grondgebied van de gemeente Boechout is gelegen.

 

Artikel 3 - Belastingplichtige

De belasting is verschuldigd door de aanvrager of de melder van de omgevingsvergunning of de melding.

Het verkopen van het op te richten of opgerichte gebouw of een deel ervan, ontslaat de vergunninghouder niet van het betalen van de belasting.

Wanneer er meerdere belastingplichtigen zijn, zijn zij ieder hoofdelijk en ondeelbaar gehouden tot betaling van de gehele belasting.

 

Artikel 4 - Tarief van de belasting

De tarieven van de bouwtaks worden als volgt vastgesteld:

        voor het bouwen, herbouwen en uitbreiden: € 0,90 per m³

        voor de aanleg van niet-vrijgestelde verhardingen: € 10/m²

 

Ongeacht het volume of de oppervlakte van de belastbare delen, zal een minimum belasting ten bedrage van € 75 per dossier worden toegepast.

 

Artikel 5 - Indexering

De tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag.

Het zo verkregen getal wordt afgerond op de hogere halve euro.

 

Artikel 6 - Aangifteplicht

Van zodra een gebouw onder dak is, of de werken voor de aanleg van verhardingen voltooid zijn, moet de belastingplichtige hiervan schriftelijk aangifte doen aan het gemeentebestuur. Bij gebreke hieraan wordt de belasting ambtshalve ingekohierd.

 

Artikel 7 - Vrijstellingen

Zijn vrijgesteld van deze belasting:

        de gebouwen en verhardingen die eigendom zijn van een openbaar bestuur;

        de sociale woningen en verhardingen gebouwd en aangelegd door bemiddeling van de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen en door de haar erkende sociale huisvestingsmaatschappij;

        de gebouwen en verhardingen gebouwd en aangelegd door bemiddeling van een door de gemeente erkende vereniging, op gronden van de gemeente of op gronden waar de gemeente een zakelijk recht op heeft;

        gebouwen en verhardingen die eigendom zijn van een onderwijsinstelling erkend door het Ministerie van Onderwijs of het Vlaams gewest;

        de gebouwen die een voorlopig karakter hebben, namelijk deze die binnen een tijdsverloop van ten hoogste één jaar te rekenen van de dag tot toelating van bouwen, worden gesloopt alsook de alleenstaande afdaken; 

        serres.

 

Artikel 8 - Heropbouw na ontploffing, brand, stormschade of andere ongevallen

Geen belasting zal verschuldigd zijn voor heropbouw van woningen, bedrijfsgebouwen en kantoren na ontploffing, brand, stormschade of andere ongevallen (gedekt door de verzekering) die uitgevoerd worden door dezelfde eigenaar, tenzij de heropbouw gepaard gaat met het vergroten van het volume van de woning. Het volume in meer ten opzichte van het oorspronkelijk volume van het gebouw wordt belast aan de tarieven zoals vermeld in artikel 4.

 

Artikel 9 - Inkohiering

Wanneer een gebouw onder dak is en/of de werken voor de aanleg van verhardingen voltooid zijn, gebeurt de invordering van de belasting bij wege van een kohier overeenkomstig het decreet van 30 mei 2008 en latere wijzigingen, betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

Het jaar van de aanslag is het jaar van de aangifte van 'gebouw onder dak' of 'einde werken'.

 

Artikel 10 - Betalingstermijn

Aan de belastingplichtige wordt kosteloos een aanslagbiljet toegezonden. De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

 

Artikel 11 - Bezwaar

De belastingplichtige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde kalenderdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 12 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op de leegstand van gebouwen en woningen - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

17 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Lode Van den Brande, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Tine Bracke, Xander Meeuwesen en Ann Milbau

5 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van dit reglement wordt specifiek volgende definitie verstaan onder:

  1. Administratie: De gemeentelijke administratieve eenheid en/of intergemeentelijke administratieve eenheid die door de gemeenteraad wordt belast met het beheer van de gemeentelijke inventaris
  2. Beroepsinstantie: het college van burgemeester en schepenen
  3. Beveiligde zending: één van de hiernavolgende betekeningswijzen:
    1. een aangetekend schrijven
    2. een afgifte tegen ontvangstbewijs
    3. een elektronische aangetekende zending
  4. Gebouw: elk bebouwd onroerend goed, dat zowel het hoofdgebouw als de bijgebouwen omvat, met uitsluiting van bedrijfsruimten, vermeld in artikel 2,1° van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten.
  5. Opnamedatum: de datum waarop het gebouw en/of woning voor de eerste maal in het leegstandsregister wordt ingeschreven
  6. Leegstaand gebouw: Gebouw waarvan meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte niet overeenkomstig de functie van het gebouw wordt aangewend gedurende een periode van ten minste twaalf opeenvolgende maanden. Hierbij wordt geen rekening gehouden met woningen die deel uitmaken van het gebouw.
    De functie van het gebouw is deze die overeenkomt met een voor het gebouw of voor gedeelten daarvan afgeleverde of gedane stedenbouwkundige vergunning of melding in de zin van artikel 94 van het decreet Ruimtelijke Ordening, met latere wijzigingen, of milieuvergunning of melding in de zin van het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning, met latere wijzigingen. Bij een gebouw waarvoor geen vergunning of melding voorhanden is of waarvan de functie niet duidelijk uit een vergunning of melding blijkt, wordt deze functie afgeleid uit het gewoonlijk gebruik van het gebouw voorafgaand aan het vermoeden van leegstand, zoals dat blijkt uit aangiften, akten of bescheiden.
    Een gebouw dat in hoofdzaak gediend heeft voor een economische activiteit, vermeld in artikel 2, 2° van het decreet bedrijfsruimten, wordt niet beschouwd als leegstaand zolang de oorspronkelijke beoefenaar van deze activiteit een gedeelte van het gebouw bewoont en dat gedeelte niet afsplitsbaar is. Een gedeelte is eerst afsplitsbaar indien het na slopen van de overige gedeelten kan worden beschouwd als een afzonderlijke woning die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
  7. Leegstaande woning: Woning die gedurende een periode van ten minste 12 opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met de woonfunctie.
  8. Leegstandsregister: Het gemeentelijk register van leegstaande gebouwen en woningen als vermeld in art 2.10 van Boek 2 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021 .
  9. Leegstand bij nieuwbouw:
    Een nieuw gebouw of een nieuwe woning wordt als een leegstaand gebouw of een leegstaande woning beschouwd indien dat gebouw of die woning binnen zeven jaar na de afgifte van een omgevingsvergunning in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig zijn functie.
  10. Verjaardag: het ogenblik van het verstrijken van elke nieuwe periode van twaalf maanden vanaf de datum van eerste inschrijving, zolang het gebouw en/of de woning niet uit het leegstandsregister is geschrapt.
  11. Woning: een goed vermeld in artikel 1.3 §1, eerste lid 66°, Boek 1 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021 (elk onroerend goed of deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande).
  12. Zakelijk gerechtigde: de houder van één van de volgende zakelijke rechten:
    1. de volle eigendom
    2. het recht van opstal of van erfpacht
    3. het vruchtgebruik
       

Artikel 2 - Belastingtermijn en belastbare grondslag

§1. Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een jaarlijkse gemeentebelasting gevestigd op de woningen en gebouwen die gedurende minstens twaalf opeenvolgende maanden zijn opgenomen in het gemeentelijk leegstandsregister.

§2. De belasting voor een leegstaande woning of een leegstaand gebouw is voor het eerst verschuldigd vanaf het ogenblik dat die woning of dat gebouw gedurende twaalf opeenvolgende maanden is opgenomen in het gemeentelijk leegstandsregister.

§3. Zolang het leegstaand gebouw of de leegstaande woning niet uit het leegstandsregister is geschrapt, blijft de heffing verschuldigd op het ogenblik dat een nieuwe termijn van twaalf maanden verstrijkt.

 

Artikel 3 - Belastingplichtige

§1 De belasting is verschuldigd door de houder van het zakelijk recht betreffende het leegstaande gebouw of de leegstaande woning op de verjaardag van de opnamedatum.

§2. Ingeval van mede-eigendom zijn de mede-eigenaars hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld. Ingeval er meerdere andere houders zijn van het zakelijk recht zijn deze eveneens hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de totale belastingschuld.

§3. De overdrager van het zakelijk recht moet de verkrijger ervan in kennis stellen dat het goed is opgenomen in het leegstandsregister.

Tevens moet hij per beveiligd schrijven een kopie van de notariële akte bezorgen aan de gemeente, binnen twee maanden na het verlijden van de notariële akte. Deze kopie bevat minstens de volgende gegevens:

        naam en adres van de verkrijger van het zakelijk recht en zijn eigendomsaandeel,

        datum van de akte, naam en standplaats van de notaris;

        nauwkeurige aanduiding van de overgedragen woning of het gebouw

Bij ontstentenis van deze kennisgeving wordt de overdrager van een zakelijk recht als belastingschuldige beschouwd voor de eerstvolgende belasting die na de overdracht van het zakelijk recht wordt gevestigd.

 

Artikel 4 - Tarief van de belasting

De belasting bedraagt:

- € 2.000 voor een woning

- € 2.000 voor een gebouw

Indien het gebouw of de woning een tweede opeenvolgende termijn van twaalf maanden in het register staat bedraagt de belasting:

- € 4.000 voor een woning

- € 4.000 voor een gebouw

Indien het gebouw of de woning een derde opeenvolgende termijn van twaalf maanden in het register staat bedraagt de belasting:

- € 6.000 voor een woning

- € 6.000 voor een gebouw

Indien het gebouw of de woning een vierde of latere opeenvolgende termijn van twaalf maanden in het register staat bedraagt de belasting:

- € 8.000 voor een woning

- € 8.000 voor een gebouw

Het aantal termijnen van twaalf maanden dat een gebouw of woning in het register staat wordt herrekend bij volledige overdracht van het zakelijk recht betreffende het gebouw of de woning.

Het aantal termijnen dat een woning of een gebouw in het leegstandregister staat, wordt behouden bij ingang van het nieuwe reglement. De termijn die in acht genomen wordt voor de belasting, wordt berekend vanaf de eerste opname in het leegstandregister.

 

Artikel 5 - Vrijstellingen

§1. Een vrijstelling van de heffing kan aangevraagd worden bij de administratie via het daartoe bestemde formulier ‘aanvraag voor vrijstelling van de leegstandsbelasting’. De aanvraag voor een vrijstelling van de heffing moet worden ingediend via beveiligde zending uiterlijk 30 dagen na kennisgeving van de opname in het kohier. Voor de volgende jaren dient de aanvraag telkens, per beveiligde zending te worden ingediend voor het verstrijken van de toepasselijke opnamedatum, aangezien anders de eventuele vrijstelling pas kan ingaan na de opnamedatum. De houder van het zakelijk recht die gebruik wenst te maken van een vrijstelling zoals beschreven in art. 5 §2 dient zelf hiervoor de nodige bewijsstukken voor te leggen aan de administratie.

§ 2. Van de leegstandsbelasting zijn vrijgesteld:

  1. de belastingplichtige die in een erkende zorginstelling verblijft ,voor een periode van maximum twee opeenvolgende jaren; en dit enkel voor de woning waar de houder van het zakelijk recht laatst verbleef voor zijn opname in de zorginstelling
  2. de belastingplichtige waarvan de handelingsbekwaamheid beperkt werd ingevolge een gerechtelijke beslissing, voor een periode van maximum twee opeenvolgende jaren;
  3. de belastingplichtige die sinds minder dan één jaar zakelijk gerechtigde is van het gebouw of de woning, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt voor de eerste belastingaanslag die volgt op het verkrijgen van het zakelijk recht
  4. de woning of het gebouw dat gelegen is binnen de grenzen van een door de bevoegde overheid goedgekeurd onteigeningsplan en de woning is aangeduid als te onteigenen goed;
  5. de woning of het gebouw dat, krachtens decreet, beschermd is als monument, stads- of dorpsgezicht, of opgenomen is in een bij besluit vastgesteld ontwerp van lijst tot bescherming als monument, stads- of dorpsgezicht en waarvoor een restauratiepremiedossier bij de bevoegde overheid is ingediend en ontvankelijk verklaard;
  6. de woning of het gebouw dat vernield of beschadigd werd ten gevolge van een plotse ramp, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt gedurende een periode van twee opeenvolgende  jaren;
  7. de woning of het gebouw dat onmogelijk daadwerkelijk gebruikt kan worden omwille van een verzegeling in het kader van een strafrechtelijk onderzoek of omwille van een expertise in het kader van een gerechtelijke procedure, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt gedurende een periode van twee jaar volgend op de aanvang van de onmogelijkheid tot daadwerkelijk gebruik; De vrijstelling wordt jaarlijks opnieuw aangevraagd en is verlengbaar tot maximum twee jaar.
  8. de woning of het gebouw dat gerenoveerd wordt blijkens een niet vervallen omgevingsvergunning voor stabiliteitswerken of sloopwerkzaamheden, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt gedurende een termijn van drie jaar volgend op het uitvoerbaar worden van de omgevingsvergunning;
  9. de woning of het gebouw gerenoveerd wordt zonder omgevingsvergunning, mits de betrokkene door middel van een gedetailleerd dossier (timing, aard werken, kostprijs) aantoont dat het een totale verbouwing betreft en waarbij de woning wordt aangepast aan de huidige woningkwaliteitsnormen. De werken worden jaarlijks aangetoond aan de hand van foto’s en bijgevoegde facturen. De vrijstelling geldt voor een periode van maximum drie jaar.
  10. de woningen of de gebouwen die een eigenaar om efficiëntieredenen in een groter sociaal project met meerdere tegelijk wil renoveren of herbouwen. De vrijstelling kan voor maximum 5 opeenvolgende jaren worden verkregen, op voorwaarde dat de houder van het zakelijk recht jaarlijks de vooruitgang aantoont in het project.

 

Artikel 6 - Inkohiering

De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

 

Artikel 7 - Indexering

De tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag.

Het zo verkregen getal wordt afgerond op de hogere halve euro.

 

Artikel 8 - Betalingstermijn

De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

 

Artikel 9 - Bezwaar

De belastingplichtige kan tegen deze belasting bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 3 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde kalenderdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 10 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op verwaarloosde woningen en gebouwen - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van dit reglement wordt begrepen onder:

  1. Beveiligde zending: één van de hiernavolgende betekeningswijzen:
    1. een aangetekend schrijven
    2. een afgifte tegen ontvangstbewijs
    3. een elektronisch aangetekende zending
  2. Bezwaarinstantie: het college van burgemeester en schepenen;
  3. Gebouw: elk bebouwd onroerend goed, dat zowel het hoofdgebouw als de bijgebouwen omvat, met uitzondering van de bebouwde onroerende goederen die vallen onder de toepassing van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten;
  4. Gemeentelijk register van verwaarloosde gebouwen en/of woningen: het register vermeld in artikel 3, §1 van dit reglement en artikel 2.15 van de Vlaamse Codex Wonen;
  5. Registerbeheerder: de gemeentelijke administratieve eenheid en/of intergemeentelijke administratieve eenheid die door het gemeentebestuur wordt belast met de opmaak, het beheer en de actualisering van het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen;
  6. Opnamedatum: de datum waarop een woning of een gebouw met toepassing van artikel 4 van dit reglement in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen is opgenomen;
  7. Verwaarlozing: een gebouw, ongeacht of het dient als woning, wordt beschouwd als verwaarloosd, wanneer het ernstige zichtbare en storende gebreken of tekenen van verval vertoont aan buitenmuren, voegwerk, schoorstenen, dakbedekking, dakgebinte, buitenschrijnwerk, kroonlijst of dakgoten.
  8. Woning: elk onroerend goed of deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande;
  9. Zakelijk gerechtigde: de houder van één van de volgende zakelijke rechten:
    1. de volle eigendom
    2. het recht van opstal of van erfpacht
    3. het vruchtgebruik
       

Artikel 2 - Belastingtermijn en belastbare grondslag

§1. Er wordt voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 een gemeentebelasting gevestigd op de woningen en gebouwen die gedurende minstens twaalf opeenvolgende maanden opgenomen zijn in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

§2. De belasting is voor het eerst verschuldigd vanaf het ogenblik dat de woning of het gebouw gedurende twaalf opeenvolgende maanden opgenomen is in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

§3. Zolang de woning of het gebouw niet is geschrapt uit dit register, blijft de belasting verschuldigd bij het verstrijken van elke opeenvolgende periode van twaalf maanden.

 

Artikel 3 - Belastingplichtige

§1. De belasting is verschuldigd door de zakelijk gerechtigde op de verwaarloosde woning of het verwaarloosd gebouw op de verjaardag van de registratiedatum.

§2. Indien er meerdere zakelijk gerechtigden zijn, zijn zij allen hoofdelijk gehouden tot betaling van de totale belastingschuld.

 

Artikel 4 - Tarief van de belasting

De belasting bedraagt:

- € 1.500 voor een gebouw

- € 1.500 voor een woning

Indien het gebouw of de woning een tweede opeenvolgende termijn van twaalf maanden in het register staat bedraagt de belasting:

- € 3.000 voor een gebouw

- € 3.000 voor een woning

Indien het gebouw of de woning een derde opeenvolgende termijn van twaalf maanden in het register staat bedraagt de belasting:

- € 4.500 voor een gebouw

- € 4.500 voor een woning

Indien het gebouw of de woning een vierde of latere opeenvolgende termijn van twaalf maanden in het register staat bedraagt de belasting:

- € 6.000 voor een gebouw

- € 6.000 voor een woning

 

Artikel 5 - Vrijstellingen

Van de heffing op verwaarlozing zijn vrijgesteld:

  1. de belastingplichtige die sinds minder dan een jaar zakelijk gerechtigde is van het gebouw of de woning, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt voor het heffingsjaar volgend op het verkrijgen van het zakelijk recht;
  2. de woning of het gebouw dat gelegen is binnen de grenzen van een door de bevoegde overheid goedgekeurd onteigeningsplan en de woning is aangeduid als te onteigenen goed;
  3. de woning of het gebouw dat, krachtens decreet, beschermd is als monument, stads- of dorpsgezicht, of opgenomen is op een bij besluit vastgesteld ontwerp van lijst tot bescherming als monument, stads- of dorpsgezicht en waarvoor een restauratiepremiedossier bij de bevoegde overheid is ingediend en ontvankelijk verklaard;
  4. de woning of het gebouw dat vernield of beschadigd werd ten gevolge van een plotse ramp, met dien verstande dat deze vrijstelling jaarlijks opnieuw moet aangevraagd worden en slechts geldt gedurende een periode van drie opeenvolgende jaren volgend op de datum van de vernieling of beschadiging;
  5. de woning of het gebouw dat gerenoveerd wordt blijkens een niet vervallen omgevingsvergunning vergunning voor stabiliteitswerken of sloopwerkzaamheden, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt gedurende een termijn van drie opeenvolgende jaren volgend op het uitvoerbaar worden van de stedenbouwkundige vergunning;
  6. de woning of het gebouw dat gerenoveerd wordt zonder omgevingsvergunning, mits de betrokkene door middel van een gedetailleerd dossier (timing, aard werken, kostprijs) aantoont dat het een totale verbouwing betreft en waarbij de woning wordt aangepast aan de huidige woningkwaliteitsnormen. De werken worden jaarlijks aangetoond aan de hand van foto’s en bijgevoegde facturen. De vrijstelling wordt jaarlijks opnieuw aangevraagd en is verlengbaar tot maximum drie opeenvolgende  jaren.
  7. de woningen of de gebouwen die een eigenaar om efficiëntieredenen in een groter sociaal project met meerdere tegelijk wil renoveren of herbouwen. De vrijstelling kan voor maximum vijf opeenvolgende jaren worden verkregen, op voorwaarde dat de houder van het zakelijk recht jaarlijks de vooruitgang aantoont in het project.

 

Artikel 6 - Inkohiering

De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

 

Artikel 7 - Indexering

De tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag.

Het zo verkregen getal wordt afgerond op de hogere halve euro.

 

Artikel 8 - Betalingstermijn

De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

 

Artikel 9 - Bezwaar

De belastingplichtige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde kalenderdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 10 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op tweede verblijven - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

5 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

4 onthoudingen

Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijvingen 

§1. Als tweede verblijf wordt beschouwd elke woongelegenheid waarvan diegene die er kan verblijven, voor deze woongelegenheid niet ingeschreven is in de bevolkingsregisters of het vreemdelingenregister voor het hoofdverblijf, ongeacht het feit of het gaat om landhuizen, bungalows, appartementen, grote of kleine weekendhuizen of buitengoederen, optrekjes, chalets en alle andere vaste woongelegenheden, met inbegrip van de chalets gelijkgesteld aan caravans die al of niet ingeschreven zijn in de kadastrale legger. 

 

 §2. Als tweede verblijf worden niet beschouwd: 

        het gebouw uitsluitend bestemd voor het uitoefenen van een (aantoonbare) beroepsactiviteit;  

        de tenten en woonaanhangwagens;  

        verplaatsbare caravans, tenzij deze tenminste zes maanden van het aanslagjaar opgesteld blijven om als woongelegenheid aangewend te worden; 

        elke woongelegenheid in beheer van de sociale huisvestingsmaatschappij, het sociaal verhuurkantoor, het OCMW, de gemeente en het autonoom gemeentebedrijf; 

        een woongelegenheid die geregistreerd is als ongeschikt en/of onbewoonbaar kan niet worden opgenomen op de lijst tweede verblijven. 

  

Artikel 2 – Indicaties van een tweede verblijf  

De woongelegenheid wordt als tweede verblijf beschouwd, wanneer én of meerdere 

indicaties van toepassing zijn: 

        geen inschrijving in het bevolkings-, vreemdelingen-, of wachtregister op het adres van de woning; 

        de woning is afgewerkt; 

        de woning is helemaal of gedeeltelijk bemeubeld; 

        de woning is aangesloten op de nutsvoorzieningen; 

        de heeft sanitaire voorzieningen; 

        de woning is uitgerust om er te eten en te slapen 

        de woning heeft een verbruik van de nutsvoorzieningen (gas/elektriciteit/water). 

 

Artikel 3 - Belasting op tweede verblijven 

Er wordt voor een periode aanvang nemend op 01.01.2026 en eindigend op 31.12.2031 een jaarlijkse belasting geheven op tweede verblijven. De belasting is ondeelbaar en voor het gehele belastingjaar verschuldigd door de belastingplichtige, die zakelijk gerechtigde is op 1 januari van het aanslagjaar. 

 

Artikel 4 - Belastingplichtige 

De belastingplichtige is de natuurlijke- of rechtspersoon die op 1 januari houder is van het zakelijk recht van het tweede verblijf. In geval van samenloop van zakelijk gerechtigden, zijn de houders van een zakelijk recht, hoofdelijk gehouden tot betaling van de belasting. Indien het tweede verblijf is verhuurd op 1 januari van het aanslagjaar, is de huurder van het tweede verblijf, zoals deze gekend is op 1 januari van het aanslagjaar, hoofdelijk aansprakelijk tot betaling van de belasting. Ingeval er een recht van opstal, een recht van erfpacht of een recht van vruchtgebruik bestaat, is de belasting verschuldigd door de opstalhouder, de erfpachter of de vruchtgebruiker. De eigenaar is hoofdelijk mee aansprakelijk voor de betaling van de belasting. 

 

Artikel 5 – Aangifteplicht 

De aangifteplichtige dient jaarlijks uiterlijk op 1 juni een aangifte in bij het gemeentebestuur, op een voorgeschreven formulier. Wie geen formulier ontvangt, is verplicht dit spontaan aan te vragen. De administratie stelt het formulier ter beschikking. Uiterlijk twee maanden na ontvangst moet het formulier ingevuld en ondertekend terugbezorgd worden. Op basis hiervan wordt het pand ingeschreven in het register van tweede verblijven. 

  

Artikel 6 – Ambtshalve opname 

Bij gebrek aan tijdige of correcte aangifte wordt het pand ambtshalve opgenomen in het register van tweede verblijven, op basis van de gegevens waarover de administratie beschikt. De opname wordt per beveiligde zending betekend aan de aangifteplichtige, met opgave van de motieven en bewijsstukken. 

  

Artikel 7 – Belastingbedrag  

De belasting wordt vastgesteld op € 1.500 per jaar en per tweede verblijf.  

De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.  

 

Artikel 8 - Indexering

Het tarief wordt jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag.

Het zo verkregen getal wordt afgerond op de hogere halve euro.

 

Artikel 9 - Betalingstermijn 

De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet. 

 

Artikel 10 - Bezwaar 

De belastingplichtige kan tegen deze belasting bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen. 

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen). 

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. 

Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde kalenderdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan. 

 

Artikel 11 - Bekendmaking 

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen. 

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen. 

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op het verspreiden van reclamedrukwerk -  Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

21 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Bruno Doms, Lode Van den Brande, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Bjorn Aertgeerts, Xander Meeuwesen en Ann Milbau

1 onthouding

Tine Bracke

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt ten behoeve van de gemeente een belasting geheven op het huis-aan-huis verspreiden van ongeadresseerd drukwerk en daarmee gelijkgestelde producten op het grondgebied van de gemeente Boechout.

Onder ongeadresseerd drukwerk wordt verstaan elke publicatie die ertoe strekt bekendheid te geven aan commerciële activiteiten, handelszaken, merknamen en andere elementen, en die erop gericht is een potentieel cliënteel ertoe te bewegen gebruik te maken van de diensten en/of producten van de adverteerder.

Onder gelijkgestelde producten wordt verstaan de stalen of reclamedragers van gelijk welke aard die aanzetten tot gebruik van het aangewezen product of de aangeboden dienst.

Onder huis-aan-huis verspreiding wordt verstaan het systematisch achterlaten van het drukwerk zonder adressering in de brievenbussen van woningen, zonder dat de bestemmeling hiervoor enig initiatief heeft betoond.

 

Artikel 2 - Belastingtermijn

De belasting is verschuldigd telkenmale er een huis-aan-huis verspreiding van ongeadresseerd drukwerk of een daarmee gelijkgesteld product plaatsvindt.

 

Artikel 3 - Belastingplichtige

De belasting is verschuldigd door de verantwoordelijke uitgever. Indien de verantwoordelijke uitgever niet gekend is of indien de verantwoordelijke uitgever in het buitenland is gevestigd, is de belasting solidair in afnemende volgorde verschuldigd door de genieter wiens naam, logo of embleem het niet-geadresseerd drukwerk of gelijkgesteld product draagt, de opdrachtgever van de verdeler of de verdeler van het niet-geadresseerd drukwerk of gelijkgesteld product.

Indien de verantwoordelijke uitgever een natuurlijk persoon is met als adresgegevens de maatschappelijke zetel of vestigingszetel van een rechtspersoon, wordt de rechtspersoon geacht de verantwoordelijke uitgever te zijn.

 

Artikel 4 - Tarief van de belasting

Het tarief wordt vastgesteld per bedeling op:

 

 

Omschrijving

Tarief in €

1

Reclamedrukwerk of gelijkgestelde producten =< 200 gram per stuk

 

250

2

Reclamedrukwerk of gelijkgestelde producten => 200 gram per stuk

 

500

.

 

Artikel 5 - Aangifteplicht

 

De belastingplichtigen zijn verplicht aangifte te doen van de belastbare elementen van het drukwerk of daarmee gelijkgesteld product voor het lopende aanslagjaar op de volgende momenten:

Voor reclamedrukwerk verspreid tussen:

        week 1 en week 13 van het aanslagjaar: ten laatste op 30 april van dat jaar

        week 14 en week 26 van het aanslagjaar: ten laatste op 30 juli van dat jaar

        week 27 en week 39 van het aanslagjaar: ten laatste op 30 oktober van dat jaar

        week 40 en week 52 van het aanslagjaar: ten laatste op 30 januari van het volgende aanslagjaar

 

Deze aangifte zal vergezeld zijn van een specimen van het te verspreiden drukwerk of daarmee gelijkgesteld product.

Bij gebrek aan aangifte binnen de gestelde termijn of in geval van onjuiste of onvolledige of onnauwkeurige aangifte wordt de belasting van ambtswege ingekohierd overeenkomstig artikel 7 van het decreet van 30 mei 2008. De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met een bedrag gelijk aan de ontdoken belasting.

 

Artikel 6 - Vrijstellingen

De volgende publicaties zijn van de belasting vrijgesteld :

1. publicaties van publiekrechtelijke personen;

2. publicaties van  erkende verenigingen van Boechout;

 

Artikel 7 - Inkohiering

De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

 

Artikel 8 - Indexering

De tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag.

Het zo verkregen getal wordt afgerond op de hogere halve euro.

 

Artikel 9 - Betalingstermijn

Aan de belastingplichtige wordt kosteloos een aanslagbiljet toegezonden.

De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

 

Artikel 10 - Bezwaar

De belastingschuldige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 11 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari  2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op masten en pylonen - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving en tarief

De gemeente Boechout heft met ingang van 1 januari  2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031, een jaarlijkse belasting van 3.000 € per mast of pyloon die zich op haar grondgebied bevindt in open lucht en zichtbaar vanaf de openbare weg.

Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:

        Mast: een verticale structuur, ongeacht de hoogte, die geplaatst wordt op een dak of een andere bestaande constructie, met een gezamenlijke hoogte van minimaal 20 meter

        Pyloon: een individuele verticale constructie die opgericht wordt op niveau van het maaiveld met een hoogte van minimaal 20 meter

 

Artikel 2 - Belastingtermijn

Deze belasting is jaarlijks betaalbaar op basis van een vordering van het gemeentebestuur.

De belastingsplichtige moet, ten laatste op 30 april van het aanslagjaar, aangifte doen van het aantal belastbare masten en pylonen op het grondgebied van de gemeente op het door de gemeente ter beschikking gestelde formulier. Als aangiftedatum geldt de postdatum of bij afgifte de datum vermeld op het ontvangstbewijs.

De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen, moet er zelf om verzoeken. Het niet ontvangen van een dergelijk aangifteformulier ontslaat de gebruiker niet van zijn aangifteplicht.

De belasting is ondeelbaar, er wordt geen vermindering of terugbetaling van de belasting toegestaan als de mast of pyloon in de loop van het jaar wordt weggenomen.

 

Artikel 3 - Belastingplichtige

De belastingplichtige is de eigenaar van de mast of pyloon op 1 januari van het aanslagjaar.

 

Artikel 4 - Hoofdelijke aansprakelijkheid

De eigenaar van de constructie en/of de grond, waarop de masten en pylonen werden opgericht, is mee hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.

 

Artikel 5 - Belastbare grondslag

De belasting is verschuldigd voor elke mast of pyloon die zich op 1 januari van het aanslagjaar in de gemeente bevindt. De belasting is ondeelbaar voor het hele aanslagjaar verschuldigd.

 

Artikel 6 - Aangifteplicht

Bij gebrek aan aangifte binnen de in artikel 2 gestelde termijn, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte vanwege de belastingplichtige, wordt de belasting ambtshalve ingekohierd.

Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag, betekent het college van burgemeester en schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag gebaseerd is evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de betekening om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.

De ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag kan slechts geldig worden ingekohierd gedurende een periode van drie jaar volgend op 1 januari van het dienstjaar. Deze termijn wordt met twee jaar verlengd bij overtreding van de belastingverordening met het oogmerk te bedriegen of met de bedoeling schade te berokkenen.

De ambtshalve belastingaanslag zal worden verhoogd met 20%, 50%, 100% of 200% al naargelang het een eerste, tweede derde of vierde en volgende overtreding betreft.

 

Artikel 7 - Vrijstellingen

Masten en pylonen die geplaatst worden op het grondgebied Boechout-Vremde met het oog op het voortbrengen van energie op alternatieve wijze (windmolens en andere vormen van groene stroom) worden vrijgesteld van deze belasting.

 

Artikel 8 - Inkohiering

De belasting en de verhoging worden ingekohierd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

 

Artikel 9 - Betalingstermijn

De belasting moet betaald worden binnen de twee maanden na het verzenden van het aanslagbiljet. Dit aanslagbiljet wordt kosteloos door de financieel beheerder aan de belastingplichtige gestuurd.

 

Artikel 10 - Bezwaar

De belastingschuldige kan tegen deze belasting bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 11 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari  2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op nachtwinkels - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

De gemeente Boechout heft met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031, een openingsbelasting en een jaarlijkse belasting op nachtwinkels gelegen op het grondgebied Boechout.

Voor de toepassing van het reglement, moet er onder nachtwinkels verstaan worden, elke winkel die in algemene voedingswaren en huishoudartikelen handelt en tussen 18.00 uur en 7.00 uur open is, zoals bedoeld in de wet van 10 november 2006 betreffende de openingsuren in handel, ambacht en dienstverlening.

 

Artikel 2 - Belastingplichtige

De belasting is verschuldigd door de uitbater van de nachtwinkel.

 

Artikel 3 - Tarief van de belasting

De openingsbelasting is een éénmalige belasting vastgesteld op € 6.000 en verschuldigd bij elke opening van een nieuwe handelsactiviteit van een nachtwinkel zoals gedefinieerd in artikel 1 van dit reglement.

Elke wijziging van uitbating is gelijkgesteld met een nieuwe handelsactiviteit.

De aanslagvoet van de jaarlijkse belasting is vastgesteld op € 750 per nachtwinkel.

De openingsbelasting en de jaarlijkse belasting zijn ondeelbaar. Zij zijn verschuldigd voor het ganse jaar, welke ook de aanvangs- of de stopzettingsdatum van de economische activiteit of de wijziging van uitbating in het jaar is.

 

Artikel 4 -  Aangifteplicht

De eigenaar van de handelszaak en de uitbater ervan zijn ertoe gehouden voorafgaandelijk aan elke economische activiteit aangifte hiervan te doen bij het gemeentebestuur. Ze zijn verplicht alle nodige documenten en vergunningen voor te leggen op eerste verzoek van het gemeentebestuur. Ze worden eraan gehouden de eventuele controle van hun verklaring mogelijk te maken.

Teneinde de belasting te heffen, stuurt het gemeentebestuur naar alle nachtwinkels in uitbating een aangifteformulier dat door hem behoorlijk ingevuld en ondertekend moet worden teruggestuurd, binnen een maand vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aangifteformulier.

Indien, om welke reden ook, de belastingplichtigen geen aangifteformulier ontvangen hebben, zijn deze ertoe gehouden, uiterlijk op 1 april van het jaar volgend op het aanslagjaar, aan het gemeentebestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen.

Elke wijziging of stopzetting van een economische activiteit dient onder verantwoordelijkheid van de belastingplichtigen onmiddellijk en per aangetekend schrijven te worden meegedeeld aan het gemeentebestuur.

 

Artikel 5- Inkohiering

De belasting wordt ingevorderd door middel van kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar

verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

Bij gebreke van aangifte of bij onvolledigheid hiervan wordt van ambtswege een belasting

geheven op basis van de elementen waarover het gemeentebestuur beschikt.

De jaarlijkse belasting gaat in volgend op het jaar van inkohiering van de openingsbelasting, of bij gebreke hiervan vanaf de inwerkingtreding van huidig belastingreglement.

Er wordt geen enkele korting of teruggave van de belasting gedaan om welke reden dan ook tenzij na inwilliging van een bezwaar.

 

Artikel 6 - Betalingstermijn

De belasting is betaalbaar binnen de twee maanden na het verzenden van het aanslagbiljet. Dit aanslagbiljet wordt kosteloos door de financieel beheerder aan de belastingplichtige gestuurd

 

Artikel 7 - Bezwaar

De belastingplichtige kan  tegen deze belasting bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde kalenderdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 8 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op het niet afkoppelen van DWA en RWA - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

19 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Bjorn Aertgeerts en Xander Meeuwesen

3 stemmen tegen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt onder de hierna vermelde voorwaarden een belasting geheven op het niet maximaal afkoppelen van hemelwater bij bestaande woningen in door de gemeente vastgestelde afkoppelingsprojecten.

 

Artikel 2 - Belastbare grondslag

        Afvalwater: water met afvalstoffen en/of verontreinigingen waarvan de houder zich ontdoet of moet ontdoen.

        Hemelwater: verzamelnaam voor regen, sneeuw en hagel, met inbegrip van dooiwater.

        Gescheiden riolering: een dubbel stelsel van leidingen of openluchtgreppels waarvan het ene stelstel bestemd is voor het opvangen en transporteren van afvalwater en het andere stelsel bestemd is voor hemelwater.

        Semi-gescheiden riolering: een dubbel stelsel van leidingen of openluchtgreppels waarvan het ene stelsel bestemd is voor het opvangen en transporteren van afvalwater en het andere stelsel bestemd is voor de afvoer van hemelwater waarvan deze laatste in hoofdzaak beperkt is tot het hemelwater van de wegverharding en de huisaansluitingen die reeds gescheiden kunnen aanvoeren. De overige bestaande huisaansluitingen voeren nog gemengd aan op de leiding van afvalwater.

        Afkoppelingsdeskundige: wordt door de rioolbeheerder aangesteld. Informeert de bewoners, maakt het afkoppelingsplan, de kostenraming, volgt de uitvoering van de afkoppelingswerken op en controleert de facturen.

        Bestaande gebouwen: gebouwen waarvoor een stedenbouwkundige vergunning werd afgeleverd zonder de verplichting van het afvalwater en het hemelwater gescheiden af te voeren.

        Maximale afkoppeling: bij open en halfopen bebouwing dient alle hemelwater gescheiden van afvalwater afgevoerd te worden. Bij gesloten bebouwing dient het hemelwater gescheiden van het afvalwater afgevoerd te worden, behalve indien hiervoor leidingen door of onder de woning dienen aangelegd te worden.

        Afkoppelingsprojecten: de aanleg van een optimaal gescheiden rioleringsstelsel in de openbare weg zoals door de gemeente vastgesteld.

 

Artikel 3 - Belastingplichtige

De belasting is verschuldigd door de eigenaar van het gebouw, die bij de uitvoering van de rioleringswerken het hemelwater bij bestaande gebouwen in door de gemeente vastgestelde afkoppelingsprojecten niet optimaal afkoppelt. Het niet optimaal afkoppelen wordt vastgesteld door de afkoppelingsdeskundige en overgemaakt aan het college van burgemeester en schepenen.

 

Artikel 4 - Tarief van de belasting

De belasting wordt vastgesteld op een forfaitair bedrag van € 2.000 per jaar, verrekenbaar per maand en betaalbaar vanaf het einde van de zevende maand na de datum van de uitvoering van het afkoppelingsproject ter hoogte van de bestaande woning, indien het hemelwater bij de bestaande woning niet maximaal werd afgekoppeld.

 

Artikel 5 - Indexering

Het tarief wordt jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag.

 

Artikel 6 - Vrijstellingen

Eigenaars van gebouwen waarvoor de maximale afkoppeling technisch-economisch niet haalbaar is, worden vrijgesteld van deze belasting. De haalbaarheid van de maximale afkoppeling wordt bepaald door de afkoppelingsdeskundige. In geval van onenigheid over deze beslissing zal een voor beide partijen aanvaardbare, onafhankelijke deskundige aangesteld worden die de definitieve beslissing zal nemen.

 

Artikel 7 - Inkohiering

De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

 

Artikel 8 - Bezwaar

De belastingplichtige kan tegen deze belasting bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde kalenderdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 9 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op het ontbreken van parkeerplaatsen - AJ 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

13 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

9 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Mieke Kaniszai, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

De gemeente Boechout heft met ingang van 1 januari 2026 en voor een periode eindigend op 31 december 2031 een belasting op het ontbreken van parkeerplaatsen bij het optrekken van nieuwe gebouwen en bij het uitvoeren van verbouwingswerken en/ of bestemmingswijziging van bestaande gebouwen.

 

Artikel 2 - Definities

Voor de definities van de begrippen wordt verwezen naar de definities vermeld in de bouwcode van de gemeente Boechout en in de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

 

Artikel 3 - Belastingplichtige

§ 1. De belasting is verschuldigd door de houder van een omgevingsvergunning afgeleverd volgens de bepalingen van de bouwcode gemeente Boechout, RUP, BPA of verkaveling en die:

 a) Op grond van deze vergunning ontheven wordt van de verplichting of in de onmogelijkheid verkeert één of meer van de in de omgevingsvergunning voorgeschreven parkeerplaatsen aan te leggen binnen de voorgeschreven tijd;

 b) Eén of meer van de in deze omgevingsvergunning verplicht aan te leggen parkeerplaatsen niet heeft aangelegd binnen de voorgeschreven tijd.

De belasting is verhaalbaar op de rechtsopvolgers ten algemene en ten bijzondere titel van de houder van de omgevingsvergunning.

§ 2. De belasting is eveneens verschuldigd door de eigenaar indien de bestemming van de parkeerplaats(en) zodanig gewijzigd wordt dat niet meer voldaan wordt aan de omgevingsvergunning.

 

Artikel 4 - Tarief van de belasting

De belasting bedraagt € 12.500 per ontbrekende of niet behouden parkeerplaats.

 

Artikel 5 - Inkohiering

De gemeente Boechout vestigt de belasting door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar wordt verklaard door het college van burgemeester en schepenen.

 

Artikel 6 - Betalingstermijn

De betaling is betaalbaar binnen de twee maanden na het verzenden van het aanslagbiljet. Dit aanslagbiljet wordt kosteloos door de financieel directeur aan de belastingplichtige gestuurd.

 

Artikel 7 - Bezwaar

De belastingschuldige kan tegen deze belasting bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van 3 maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 8 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op ontgravingen of overplaatsingen - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

14 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

8 onthoudingen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Lode Van den Brande, Bjorn Aertgeerts, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Belastingtermijn

Voor het aanslagjaar 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een belasting op ontgravingen of overplaatsingen vastgesteld.

 

Artikel 2 - Belastbare grondslag en tarieven

De belasting voor een ontgraving van een kist uit volle grond of kelder of een urne uit volle grond bedraagt € 500.

De belasting voor de overplaatsing van een urne uit een urnenveld of de columbariumwand of columbariumzuil (naar een andere locatie binnen de begraafplaats, naar een andere locatie buiten de begraafplaats of bij uitstrooiing van de assen) bedraagt € 250.

Deze kosten worden eventueel nog verhoogd met de op dat moment geldende retributie voor een nieuwe concessie. De retributie is verschuldigd door diegene die de machtiging tot ontgraving of overplaatsing vraagt. De ontgraving van stoffelijke resten gebeurt steeds door een erkende, private firma aangesteld door de gemeente. De daaraan verbonden kosten zijn ten laste van de aanvrager.

Tevens,  dient de aanvrager rekening te houden met bijkomende kosten voor een eventuele verwijdering, overplaatsing, aanpassing of plaatsing van graftekens, kosten voor een begrafenisondernemer om te voorzien in de crematie of benodigdheden zoals een nieuwe kist of nieuwe urne om de overbrenging te kunnen uitvoeren.

 

Artikel 3 - Belastingplichtige

De belasting wordt gevorderd van diegene die om de ontgraving of overplaatsing verzoekt. Als de contantbelasting niet kan worden geïnd, wordt de belasting een kohierbelasting. Ze wordt dan opgenomen in een kohier.

 

Artikel 4 - Vrijstellingen

Deze belasting is niet toepasselijk op :

  1. ontgravingen op bevel van de gerechtelijke overheid.
  2. ontgravingen van stoffelijke resten of de verplaatsing van de urnen met de as, uitgevoerd op initiatief van de gemeente in het kader van de overbrenging van de stoffelijke resten van een concessie, die wordt beëindigd bij het sluiten van een begraafplaats, naar een concessie op de nieuwe begraafplaats.
  3. ontgravingen van militairen en burgers die overleden in dienst van het vaderland.

 

Artikel 5 - Bezwaar

De belastingschuldige kan tegen deze belasting bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 6 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op het ambtshalve opruimen van sluikstorten door of in opdracht van de gemeente - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een periode eindigend op 31 december 2031 heft het gemeentebestuur een belasting op het ambtshalve opruimen van sluikstorten door of in opdracht van de gemeente, ten laste van de in artikel 2 vermelde personen.

 

Artikel 2 - Belastingplichtige

Deze belasting is verschuldigd door diegene die afvalstoffen achterlaat, opslaat of stort op openbare en private wegen, plaatsen en terreinen op een wijze die niet overeenstemt met het decreet van 2 juli 1981 betreffende de voorkoming en het beheer van afvalstoffen, de gemeentelijke politieverordening betreffende het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen en andere wettelijke bepalingen.

 

Artikel 3 - Tarief van de belasting

Bij het ambtshalve opruimen van sluikstorten door de gemeente wordt het bedrag van deze belasting als volgt vastgesteld :

        € 150 voor het verwijderen van afval met een max. gewicht van 50kg

        € 300 voor verwijdering van afval met een gewicht van 51kg tot 1000kg

        afval met een gewicht boven 1000kg: € 300 vermeerderd met € 300 per begonnen ton

        een vaste administratieve kost van € 150.

Bij het ambtshalve opruimen van sluikstorten door derden in opdracht van de gemeente

wordt het factuurbedrag van deze derde, verhoogd met de vaste administratieve kost van € 150, doorgerekend aan de in artikel 2 vermelde belastingplichtige.

 

Artikel 4 - Indexering 

Deze tarieven worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag. 

Het zo verkregen getal wordt afgerond op de hogere halve euro. 

 

Artikel 5 - Inkohiering

De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

 

Artikel 6 - Bezwaar

De belastingplichtige kan tegen deze belasting bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde kalenderdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 7 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Belasting op de opslagplaatsen van schroot en voertuigen - Aanslagjaren 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een gemeentebelasting geheven op elke opslagplaats voor versleten en definitief buiten gebruik gestelde voertuigen en/of schroot, aangelegd op het grondgebied van de gemeente Boechout en gelegen in open lucht, zichtbaar van op de begane grond vanaf welk punt ook van één of meer openbare wegen.

De jaarlijkse belasting is ondeelbaar verschuldigd voor gans het jaar wat ook de datum is waarop de exploitatie aanvangt of eindigt.

Door opslagplaats wordt bedoeld elke niet overdekte verzamelplaats voor versleten voertuigen en/of schroot, ongeacht de hoeveelheid hiervan.

Onder versleten voertuigen wordt verstaan, hetzij voertuigen die niet meer kunnen gebruikt worden, maar waarvan het koetswerk nog bestaat, hetzij gebruikte voertuigen die nog bruikbaar kunnen gemaakt worden of die nog dienstig kunnen zijn als onderdelen van andere voertuigen.

 

Artikel 2 - Belastingplichtige

Belastingplichtige is:

  1. op de eerste plaats de uitbater van elke opslagplaats, zelfs indien hij geen eigenaar is van de grond die als opslagplaats gebruikt wordt;
  2. op de tweede plaats de eigenaar van de grond die als opslagplaats gebruikt wordt, indien de uitbater niet gekend is, onvindbaar of onvermogend is.

De belastingplichtigheid is enkel solidair ten aanzien van de eigenaar vermeld onder sub. 2.

 

Artikel 3 - Tarief van de belasting

Het jaarlijks bedrag van de belasting wordt vastgesteld op € 0,50 per m², in functie van de totale oppervlakte van het terrein waarop de opslagplaats, met inbegrip van haar bijgebouwen en verwerkingsatelier, met een minimum van € 150.

Gaat de oppervlakte uit boven 2 500 m², dan bedraagt de jaarlijkse belasting € 0,25 per m², met een minimum van € 1.300.

Indien een belastingplichtige verschillende opslagplaatsen heeft, is hij deze belasting verschuldigd per opslagplaats afzonderlijk en niet overeenkomstig de gezamenlijke oppervlakte van de verschillende opslagplaatsen samen.

 

Artikel 4 - Aangifteplicht

De belastingplichtige ontvangt vanwege het gemeentebestuur een aangifteformulier dat door hem, behoorlijk ingevuld en ondertekend, vóór de erin vermelde vervaldatum moet worden teruggestuurd.

De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen, is gehouden uiterlijk op 31 december van het belastingjaar aan het gemeentebestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen.

Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het college aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

De belastingplichtige beschikt over een termijn van 30 dagen volgend op de datum van verzending van de betekening om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.

 

Artikel 5 - Vrijstellingen

Is vrij van deze belasting:

  1. elke opslagplaats die volledig onzichtbaar is van op de begane grond van de openbare wegen om reden van haar ligging of wegens het feit dat zij omringd is door muren, hagen of andere afschermingsmiddelen, toegelaten krachtens de wettelijke en reglementaire bepalingen, waarvan de hoogte toereikend is om de opslagplaats volledig onzichtbaar te maken;
  2. elke opslagplaats gelegen binnen het gebied van spoorweginstallaties voor rekening van genoemde instellingen;
  3. stapelplaatsen voor materialen die het onderwerp zijn van een continu bedrijvigheid voor verwerking of verzending.

 

Artikel 6 - Inkohiering

De invordering van de belasting geschiedt door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met een bedrag gelijk aan de verschuldigde belasting en in geval van herhaling aan het dubbel van het bedrag.

Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

 

Artikel 7 - Betalingstermijn

Aan de belastingplichtige wordt een aanslagbiljet kosteloos toegezonden.

De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

 

Artikel 8 - Bezwaar

De belastingplichtige kan tegen deze belasting  bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.

Het bezwaarschrift wordt behandeld in overeenstemming met het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen (en latere wijzigingen).

Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn. Deze indiening moet op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde kalenderdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding afgegeven binnen vijftien dagen na de indiening ervan.

 

Artikel 9. Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Retributie voor administratieve prestaties - 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

19 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Bjorn Aertgeerts en Xander Meeuwesen

3 stemmen tegen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 heft het gemeentebestuur een retributie voor administratieve prestaties.

 

Artikel 2 - Betalingsplichtige

De retributie is verschuldigd door de persoon die het stuk of de inlichting vraagt.

 

Artikel 3 - Tarief

De retributie dient betaald bij aanvraag en wordt als volgt vastgelegd :

        wettiging van handtekening, eensluidend verklaren van afschriften, en dergelijke

€ 0 voor eerste 3 exemplaren

€ 2,50 voor ieder bijkomend exemplaar

        fotokopie van persoonlijke documenten

€ 0,15 voor A4-formaat zwart

€ 0,3 voor A3-formaat zwart

€ 0,6 voor A4-formaat kleur

€ 1,2 voor A3-formaat kleur

        genealogische opzoekingen

€ 15 per uur afgeleverd werk

        kopie van bestuursdocumenten

€ 0,05 per kopie A4

€ 0,07 per kopie A3

€ 1,5 per kleurenkopie A4

€ 2 per kleurenkopie A3

Inlichtingen die schriftelijk verstrekt worden door de gemeentelijke diensten dewelke ruim opzoekingswerk (meer dan 1 uur) vereisen: € 50 per voltooid uur.

Het tarief voor opzoekingen is complementair aan het tarief van fotokopieën indien deze deel uitmaken van de opzoeking.

 

Artikel 4 - Betalingstermijn

Particulieren en privé-instellingen die wensen dat de gevraagde administratieve bescheiden per post worden toegestuurd, dienen het bedrag van de verzendingskosten, behoudens wat betreft fotokopieën van bestuursdocumenten, vooraf aan de betrokken dienst over te maken.

De retributie wordt geheven op het ogenblik van de afgifte van het stuk of van het verstrekken van de inlichting.

 

Artikel 5 - Vrijstellingen

De retributies worden niet geïnd voor de inlichtingen en de stukken rechtstreeks

aangevraagd door :

  1. het rijk, gewesten, provincies, gemeenten, intercommunales en instellingen van openbaar nut
  2. OCMW’s, kerkfabrieken, polders en wateringen, grote seminaries en stichtingen voor studiebeurzen
  3. Instellingen die het bewijs leveren dat zij door de wet vrijgesteld zijn van gemeentelijke retributies
  4. Onvermogenden – de staat van onvermogen wordt vastgesteld door elk overtuigend bewijsstuk

Er wordt eveneens vrijstelling verleend tot het betalen van de retributie voor administratieve prestaties voor alle akten of getuigschriften, opgemaakt en afgeleverd voor de uitvoering van de wet betreffende het herstel van zekere schade, veroorzaakt aan private goederen door natuurrampen.

 

Artikel 6 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Retributie op de aanvragen tot omgevingsvergunning en meldingen in toepassing van het omgevingsvergunningsdecreet en op het leveren van administratieve prestaties en administratieve stukken van de dienst omgeving - 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

17 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Lode Van den Brande, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Tine Bracke, Xander Meeuwesen en Ann Milbau

5 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie geheven op:

        de aanvragen tot omgevingsvergunning

        de meldingen

in toepassing van het omgevingsvergunningsdecreet;

        het leveren van administratieve prestaties en stukken binnen de afdeling grondgebiedszaken.

 

Artikel 2 - Betalingsplichtige

De retributie is verschuldigd door de vergunningsaanvrager, de melder of de aanvrager van de administratieve prestatie of stuk en dient te worden betaald bij aanvraag.

 

Artikel 3 - Tarief

  1. De retributie wordt ten aanzien van de door de aanvrager ingediende dossiers, waarvoor de gemeente vergunningverlenende overheid is, als volgt vastgesteld. Er wordt hierbij een onderscheid gemaakt tussen een digitale en een analoge indiening van het dossier:

 aanvraag eenvoudige procedure voor

 

digitaal

analoog

1. stedenbouwkundige handelingen of vegetatiewijzigingen

€ 100

€ 130

2. kleinhandelsactiviteiten of gemengd project

€ 150

€ 180

 

 aanvraag gewone procedure

 

digitaal

analoog

1. stedenbouwkundige handelingen

€ 150

€ 180

2. IIOA, kleinhandelsvergunning of gemengd project

€ 600

NVT

3. verkavelen van gronden zonder wegenis

€ 500

NVT

4. verkavelen van gronden met wegenis

€ 1000

NVT

 

 bijstellen van de omgevingsvergunning

 

digitaal

analoog

1. bijstellen van de RO-voorwaarden

€ 150

€ 180

2. bijstellen van de verkaveling

€ 250

€ 280

3. bijstellen of afwijken van de milieuvoorwaarden

€ 150

€ 180

4. bijstellen van het voorwerp en de duur van de

    omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van

    een IIOA

€ 150

€ 180

 

 melding van

 

digitaal

analoog

1. stedenbouwkundige handelingen of IIOA

€ 60

€ 90

2. gemengd project

€ 120

€ 150

3. overdracht van een vergunning voor een IIOA

€ 60

€ 90

4.stopzetting of het verval van een vergunning voor de IIOA of een deel ervan

€ 60

€ 90

 

 bijstellen van de melding

 

digitaal

analoog

bijstellen van de meldingsakte voor de exploitatie van een IIOA

€ 60

€ 90

 

 

digitaal

analoog

mededeling met vraag tot omzetting van een milieuvergunning naar een omgevingsvergunning van onbepaalde duur

€ 150

€ 180

 

 

digitaal

analoog

omzetting omgevingsvergunning na klasseverhoging door wijziging van de indelingslijst

€ 150

€ 180

 

 aanvraag attesten

 

digitaal

analoog

1. planologisch attest

NVT

€ 150

2. stedenbouwkundig attest

NVT

€ 100

 

        vergund geachte gebouwen en constructies

 

digitaal

analoog

aanvraag tot opname als vergund geacht in het vergunningenregister

NVT

€ 60

 

 

  1. Er wordt een bijkomende retributie gevestigd voor de aanvraagdossiers waarvoor de gemeente, vergunningverlenende overheid is, indien er een projectvergadering georganiseerd dient te worden: € 100.
  2. De kosten voor de aangetekende zendingen en publicatiekosten in het kader van een openbaar onderzoek tot omgevingsvergunning dienen te worden betaald door de vergunningsaanvrager.
  3. Kosten voor opzoekingen en fotokopieën worden geregeld in het retributiereglement administratieve prestaties.
  4. De kosten voor de verzending van de gevraagde inlichtingen, afschriften en stukken vallen ten laste van de natuurlijke personen en rechtspersonen die erom verzoeken, zelfs al is het opzoekingswerk of het verstrekken van de inlichtingen zelf kosteloos.

 

Artikel 4 - Indexering 

Deze retributies worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag. 

Het zo verkregen getal wordt afgerond op de hogere halve euro. 

 

Artikel 5 - Vrijstellingen

De retributies worden niet geïnd voor de inlichtingen en de stukken rechtstreeks

aangevraagd door:

  1. het rijk, de gewesten, provincies, steden, intercommunales en instellingen van openbaar nut
  2. OCMW ’s, kerkfabrieken, polders en wateringen, grote seminaries en stichtingen voor studiebeurzen
  3. instellingen die het bewijs leveren dat ze door de wet vrijgesteld zijn van gemeentelijke retributies
  4. onvermogenden – de staat van onvermogen wordt vastgesteld door elk overtuigend bewijsstuk
  5. voor alle akten of getuigschriften, opgemaakt en afgeleverd voor de uitvoering van de wet betreffende het herstel van zekere schade, veroorzaakt aan private goederen door natuurrampen.

 

Artikel 6 - Betalingstermijn

De betaling dient te worden voldaan bij aanvraag van de administratieve prestatie.

 

Artikel 7 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Retributie voor expertisekosten bij aflevering van een omgevingsvergunning - 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

14 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet en Xander Meeuwesen

5 stemmen tegen

Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert en Bjorn Aertgeerts

3 onthoudingen

Lode Van den Brande, Tine Bracke en Ann Milbau

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie geheven voor de expertisekosten bij aflevering van een omgevingsvergunning.

Bij aanvraag en verkrijgen van een omgevingsvergunning, vóór de aanvang der werken, waarbij de mogelijkheid bestaat dat het voetpad of enig ander deel van het openbaar domein beschadigd kan worden, en vóór het uitzetten van de bouwlijn zal er een plaatsbeschrijving van het openbaar domein worden opgemaakt door een onafhankelijk expert.

De betaling van de hierboven beschreven expertisekosten en van de waarborg dient vóór de aanvang der werken en vóór het uitzetten van de bouwlijn te gebeuren.

 

Artikel 2 - Betalingsplichtige

De houder van een omgevingsvergunning of de eigenaar dient overeenkomstig de hiernavolgende bepalingen over te gaan tot de betaling van expertisekosten en een waarborg.

 

Artikel 3 - Tarief

De kosten van de expertise, waarvoor de gemeente beroep doet op een onafhankelijk expert, bedragen € 150.

Het bedrag van de waarborg bedraagt € 100 per strekkende meter perceelbreedte, ongeacht het type bebouwing, evenwel met een minimum van € 500.

Indien het een hoekperceel betreft, dienen beide zijden van het perceel welke grenzen aan het openbaar domein, te worden opgeteld ter berekening van het aantal lopende meter.

 

Artikel 4 - Betaling

Aan de verplichting tot het stellen van een waarborg kan voldaan worden door het overschrijven van de waarborg op de zichtrekening van de gemeente.

De betaalde waarborg brengt geen intrest op.

De door het college van burgemeester en schepenen toegekende omgevingsvergunning wordt slechts afgeleverd na voorlegging van het bewijs van betaling van de waarborg.

 

Artikel 5 - Teruggave waarborg

De waarborg wordt vrijgegeven van zodra cumulatief voldaan werd aan volgende voorwaarden:

        van zodra de constructies en/of aanplantingen als voorwaarde opgelegd in de omgevingsvergunning voltooid zijn;

        door de partijen tegensprekelijk vastgelegd is dat er geen schade aan het openbaar domein werd aangebracht.

 

Het openbaar domein wordt ter plaatse gecontroleerd door een medewerker van de dienst openbare werken en mobiliteit.

Ingeval van schade worden de kosten voor herstel van het openbaar domein afgetrokken van de ontvangen waarborg, zodat enkel het saldo wordt terugbetaald.

Indien de waarborg niet toereikend is, moet de vergunninghouder of de eigenaar het resterende saldo van de herstellingskosten betalen.

Indien er over de vastgestelde schade geen akkoord bestaat, zal een onafhankelijk expert aan de hand van de oorspronkelijke expertise een oordeel vellen. De kosten van de expert zullen tussen beide partijen gelijk verdeeld worden.

De expertisekosten kunnen nooit terugbetaald worden.

 

Artikel 6 - Indexering

Deze retributies worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag. 

Het zo verkregen getal wordt afgerond op de hogere halve euro. 

 

Artikel 7- Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Retributie op inname van het openbaar domein - 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

20 stemmen voor

Philip Verstappen, Koen T'Sijen, Els Augustinus, Kris Swaegers, Nathalie Van Puyvelde, Dirk Crollet, Katrijne Van Hoof, Ria Van Den Heuvel, Rudi Goyvaerts, Sven Snyders, Christel Naenen, Annelies Veron, Erik Philibert, Bruno Doms, Joost Derkinderen, Mieke Kaniszai, Jesse Franquet, Bjorn Aertgeerts, Xander Meeuwesen en Ann Milbau

2 onthoudingen

Lode Van den Brande en Tine Bracke

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een periode eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie geheven op de inname van het openbaar domein.

Deze retributie wordt aangerekend voor de coördinerende, ondersteunende en administratief-technische prestaties die daarvoor nodig zijn om innames openbaar domein te laten doorgaan. Daarnaast geldt ze als plaatsrecht voor alle innames, overeenkomstig de onderstaande bepalingen:

Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan:

  1. inname: het in gebruik nemen voor het plaatsen van materialen en materieel, stellingen, containers, afsluitingen, werfketen, torenkranen, betonpompen, chapewagens, hoogtewerkers, bouwliften, verhuisliften, graafmachines, …(niet limitatieve opsomming) – en alle andere constructies, voertuigen, machines en werktuigen;
  2. openbaar domein: het openbaar domein van de wegen en pleinen, fiets- en voetpaden en bermen dat valt onder het beheer en de bevoegdheid van de gemeente;
  3. werken: alle werken zoals bouwen, verbouwen, slopen, herstellen, renoveren, herinrichten, inrichten, schilderen, stofferen, onderhouden, aanleggen, opruimen, verhuizen…(niet limitatieve opsomming) in onroerende staat, met inbegrip van de leveringen en alle andere handelingen die hiervoor nodig zijn (dus ook laden en lossen, opzetten en afbreken, …);
  4. standplaats: een door het gemeentebestuur als zodanig aangewezen terrein of gedeelte daarvan dat bestemd is voor het tijdelijk plaatsen van een niet direct en niet duurzaam met de aarde verbonden en voor bedrijfsmatige doeleinden geschikte ruimte, zoals kiosken, kramen, tenten (niet limitatieve opsomming)

 

Artikel 2 - Aanvraag

De aanvraag dient te gebeuren via de website van de gemeente Boechout www.boechout.be en wordt via een digitaal platform verwerkt. De aanvrager kan zich steeds wenden tot het onthaal van de gemeente, om zich te laten bijstaan in de procedure.

Het innemen van het openbaar domein is enkel toegestaan na een voorafgaande aanvraag én het verkrijgen van een vergunning, zoals bepaald in het politiereglement.

Het beschikken over een omgevingsvergunning stelt de houder ervan niet vrij van het aanvragen van de vergunning inname openbaar domein.

De aanvraag voor een vergunning “parkeerverbod” dient minstens vijf werkdagen voor de gewenste innamedatum te gebeuren. Een eventuele verlenging dient uiterlijk drie werkdagen voor het einde van de oorspronkelijke of de vorige verlenging te worden aangevraagd.

De aanvraag voor een vergunning “inname met verkeershinder” dient minstens tien werkdagen voor de gewenste innamedatum te gebeuren. Een eventuele verlenging dient uiterlijk vijf werkdagen voor het einde van de oorspronkelijke of de vorige verlenging te worden aangevraagd.

De aanvraag voor een vergunning “standplaats” dient minstens één maand voor de gewenste innamedatum te gebeuren. Een eventuele verlenging dient uiterlijk tien werkdagen voor het einde van de oorspronkelijke of de vorige verlenging te worden aangevraagd.

Het reglement rond inname openbaar domein is te raadplegen op de website van de gemeente Boechout.

 

Artikel 3 - Betalingsplichtige

De retributie is verschuldigd door de aanvrager van het privatief gebruik van het openbaar domein.

 

Artikel 4 - Tarief

Administratiekost:

* Bij elke nieuwe aanvraag wordt een administratiekost van € 22 aangerekend.

* Bij een verhuis binnen Boechout zal men voor twee vergunningen, voor de beide adressen binnen Boechout, slechts 1 maal de administratiekost van € 22 moeten betalen

Voor innames langs de Provinciesteenweg wordt enkel de administratiekost van € 22 aangerekend, de retributie wordt aangerekend door en betaald aan het Agentschap Wegen en Verkeer

Voor uitvoering van werken, verhuizen, leveringen,…:

        € 0,6 per vierkante meter per dag dat het openbaar domein privatief ingenomen wordt;

        € 104,4 per dag voor de duur van het doorgangsverbod indien een openbare weg dient te worden afgesloten;

        het gebruik van parkeerverbodsborden is gratis.

Voor deze aanvragen wordt er per aanvraag een korting op deze retributie gegeven van het equivalent van 2 parkeerplaatsen (24 m²) voor één dag (voor 2026 zou dat dus een korting van € 14,4 betekenen).

Voor standplaatsen:

        € 0,6 per vierkante meter per dag en met een maximum van € 3 per vierkante meter per week;

Voor een verlenging worden de kosten berekend zoals aangegeven onder 'uitvoering van werken' voor elke dag van de gevraagde verlenging, er dient geen nieuwe administratiekost te worden betaald.

Om een goedgekeurde, onbetaalde aanvraag zonder kosten te annuleren, moet de  dienst openbare werken minstens 1 werkdag voor de aanvang van de aangevraagde periode verwittigd te worden via openbarewerken@boechout.be. In alle andere gevallen blijft de betaling voor de goedgekeurde aanvraag verschuldigd.

Voor het annuleren van een reeds vergunde vergunning zal een administratieve kost van € 10 worden aangerekend.

Voor het annuleren of stopzetten van een vergunning na de aanvang van de aangevraagde periode wordt de retributie in principe niet terugbetaald. Bij overmacht kan hier eenmalig een uitzondering op gemaakt worden.

Voor elk parkeerverbodsbord dat niet wordt teruggebracht volgens de bepalingen vermeld in het gebruikersreglement wordt een kost van € 100 aangerekend.

Wanneer, na controle door politie of de bevoegde instantie, een vergunning niet of niet correct naar feiten werd aangevraagd, dient onmiddellijk een regularisatie van de volledige periode van de inname openbaar domein te gebeuren. De kosten zoals hierboven omschreven, zijn hier ook van toepassing. De korting van 2 parkeerplaatsen (in 2026: € 14,4) vervalt in dit geval.

 

Artikel 5 - Vrijstellingen

Zijn vrijgesteld van retributie (maar niet van het aanvragen en verkrijgen van een vergunning) betreffende de inname van het openbaar domein:

  1. het uitvoeren van werken in opdracht of voor rekening van de lokale openbare besturen, en van andere bij wet van retributie vrijgestelde publieke of gelijkgestelde rechtspersonen. Deze vrijstelling is niet van toepassing op de werken aan gebouwen welke door de beambten van die organismen of door derden privatief en voor hun persoonlijk gebruik bewoond worden; 
  2. het uitvoeren van werken aan gebouwen die getroffen werden door een ramp.
  3. alle innames van het openbaar domein die gebeuren voor de organisatie van een evenement, aangevraagd via het evenementenloket.
  4. standplaatsen op kermissen: worden geregeld in een apart reglement

 

Artikel 6 - Controle

De controle op de naleving van dit reglement alsook op de naleving van de afgeleverde vergunningen gebeurt door de bevoegde dienst en door de lokale politie, die in dit verband alle nodige vaststellingen kunnen doen, die het geven van een GAS-boete tot gevolg kunnen hebben.

Bij deze vaststelling van niet naleving dient onmiddellijk een regularisatie van de volledige periode van de inname van het openbaar domein te gebeuren.

 

Artikel 7 - Betalingstermijn

De betaling dient te geschieden via het digitaal platform, ze kan ook gebeuren aan het onthaal van de gemeente. Zonder betaling kan geen vergunning tot inname van openbaar domein afgeleverd worden.

 

Artikel 8 - Indexering 

Deze retributies worden tweejaarlijks op 1 januari aangepast. De tarieven vermeld in voorgaande artikelen zijn geldig vanaf 1 januari 2026 tot en met 31 december 2027.

Vanaf 1 januari 2028 tot en met 31 december 2029 worden de tarieven als volgt aangepast:

Administratiekost:   € 24

Inname per m² per dag:  € 0,65

Afsluiten straat:  € 110,6

Vanaf 1 januari 2030 tot en met 31 december 2031 worden de tarieven als volgt aangepast:

Administratiekost:   € 26

Inname per m² per dag:  € 0,7

Afsluiten straat:  € 116,8

 

Artikel 9 - Overgangsmaatregelen

De nieuwe tarieven worden toegepast op alle aanvragen die ingaan vanaf 1 januari 2026, ongeacht wanneer de vergunning wordt aangevraagd.

 

Artikel 10 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Retributie op beperkt parkeren in blauwe zone - 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een gemeentelijke retributie geheven voor het parkeren van motorvoertuigen op de openbare weg of op de plaatsen gelijkgesteld aan de openbare weg.

Dit reglement beoogt het parkeren van een motorvoertuig op plaatsen waar dat parkeren toegelaten is én waar een blauwe zone-reglementering van toepassing is.

Onder openbare weg verstaat men de wegen en hun trottoirs of nabijgelegen bermen die eigendom zijn van de gemeentelijke, provinciale of gewestelijke overheden.

Onder met een openbare weg gelijkgestelde plaatsen verstaat men de parkeerplaatsen gelegen op de openbare weg, zoals vermeld in artikel 4, § 2, van de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening van ambulante activiteiten en de organisatie van openbare markten.

Het forfaitair bedrag zoals vermeld in art. 2 hieronder is verschuldigd:

        zodra het motorvoertuig langer geparkeerd is dan de tijd die toegelaten is door de verkeersborden;

        wanneer de parkeerschijf niet zichtbaar achter de voorruit van zijn motorvoertuig is geplaatst;

        in geval de gebruiker de pijl niet op het streepje plaatst dat volgt op het tijdstip van aankomst;

        indien de gebruiker de aanduidingen wijzigt zonder dat het motorvoertuig de parkeerplaats heeft verlaten.

 

Artikel 2 - Tarief

De retributie wordt als volgt vastgesteld :

        Gratis voor de maximale duur die toegelaten is door de verkeersborden, mits het plaatsen van een geldige parkeerschijf;

        Een forfaitair bedrag van € 25 per dag voor elke periode die langer is dan deze die gratis is;

        Een forfaitair bedrag van e 25 per dag bij foutief of geen gebruik van de parkeerschijf;

        De door de gebruiker gewenste parkeerduur wordt vastgesteld door het zichtbaar aanbrengen van de parkeerschijf achter de voorruit van het motorvoertuig, overeenkomstig artikel 27.1.1 van het Koninklijk Besluit van 1.12.1975.

        De retributie die niet betaald wordt, volgt de minnelijke aanmaningsprocedure met administratieve kosten ten laste van de wanbetaler en conform de wetgeving consumentenschulden ( Boek XIX -W.E.R art 4.2 ea):

        eerste betaalherinnering : gratis + wettelijke wachtperiode

        ingebrekestelling door advocaat of gerechtsdeurwaarder met verhoging forfaitaire vergoeding voor de invorderingskosten volgens wettelijk bepaalde plafonds:

        € 20 als het verschuldigde saldo lager dan of gelijk is aan € 150

        € 30 vermeerderd met 10% van het verschuldigde bedrag op de schijf van € 150,01 en € 500 als het verschuldigde saldo tussen € 150,01 en € 500 is.

        € 65 vermeerderd met 5 % van het verschuldigde bedrag op de schijf boven € 500 met een maximum van € 2.000 als het verschuldigde saldo hoger is dan € 500.

        de gevorderde verwijlintresten worden gerekend vanaf de ingebrekestelling op de nog te betalen som tegen de referentie-intrestvoet vermeerderd met acht procentpunten bedoeld in art. 5, lid 2 van de Wet van  2 augustus 2022 betreffende de bestrijding van de betaalachterstand bij handelstransacties (zie ook Art.XIX.4, 1° WER)

 

Artikel 3. Betalingsplichtige

De retributie is verschuldigd door de houder van de nummerplaat van het motorvoertuig.

De bestuurder die het motorvoertuig parkeert, is samen met de houder van de nummerplaat solidair gehouden tot betaling van de retributie.

 

Artikel 4. Vrijstellingen

Vrijgesteld van retributie zijn:

        de motorvoertuigen gebruikt door personen met een handicap, mits voorlegging van parkeerkaart voor mindervalide op een zichtbare plaats en overeenkomstig met het ministerieel besluit van 29 juli 1991.

        de motorvoertuigen die gebruik maken van een geldige gemeentelijke parkeerkaart, mits voorlegging van deze kaart op een zichtbare plaats en overeenkomstig het ministerieel besluit van 9 januari 2007.

        erkende aanbieders van deelwagens

Het gebruik en de aflevering van de verschillende modellen van gemeentelijke parkeerkaarten dient in overeenstemming met de volgende bepalingen:

  1. Gemeentelijke parkeerkaart werknemers, werkgevers, hier verder ‘Werkkaart’ genoemd.
    De ‘gemeentelijke werkkaart’ is enkel geldig voor het motorvoertuig waarvan de nummerplaat op de kaart vermeld is.
    De ‘gemeentelijke werkkaart’ is geldig tot de geldigheidsdatum vermeld op de kaart. De ‘gemeentelijke werkkaart’ is geldig op alle dagen van de week, zonder parkeerduurbeperking.
    De ‘gemeentelijke werkkaart’ is enkel geldig voor de zone vermeld op de kaart.
  2. Gemeentelijke parkeerkaart ‘Bezoekerskaart’
    De ‘Bezoekerskaart’ is enkel geldig op de datum(s) en binnen de zone die vermeld is op de kaart.
    De gemeentelijke parkeerkaarten zullen worden afgeleverd na goedkeuring door de bevoegde gemeentelijke dienst.

 

Artikel 5 - Betalingstermijn

Bij toepassing van het hierboven vermelde forfait, brengt de door de gemeente aangestelde concessionaris een uitnodiging aan op de voorruit van het motorvoertuig om de retributie binnen de vijf dagen te betalen. De betaling dient te geschieden door overschrijving op de rekening van de door de gemeente aangestelde concessionaris.

 

Artikel 6 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Retributiereglement voor het uitreiken van een vergunning voor het exploiteren van een dienst voor individueel bezoldigd personenvervoer, van een machtiging voor een standplaatstaxi en voor het uitreiken van een bestuurderspas - 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1 – Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een periode eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie geheven op:

  1. de vergunningen die uitgereikt worden voor de exploitatie van een dienst voor individueel bezoldigd personenvervoer met exploitatiezetel te Boechout;
  2. de machtiging voor een standplaatstaxi;
  3. de bestuurderspas die verplicht is voor alle bestuurders vanaf 1 juli 2020.

 

Artikel 2 – Betalingsplichtige

        Voor de retributie op vergunningen is de retributieplichtige de natuurlijke of rechtspersoon die houder is van de vergunning. De vergunning wordt afgegeven door de gemeente waar de kandidaat-vergunninghouder zijn exploitatiezetel heeft of zijn exploitatiezetel zal vestigen na verlening van de vergunning.

        Voor de retributie op standplaatsmachtigingen is de retributieplichtige de aanvrager van de machtiging. De machtiging wordt afgegeven door de gemeente en is geldig voor eender welke standplaats op haar grondgebied. Hierop bestaat 1 uitzondering: gemeenten kunnen de toegang tot de standplaatsen die bestemd zijn voor zero-emissievoertuigen, beperken tot die categorie van voertuigen.

        Voor de retributie op de afgifte van bestuurderspassen is de retributieplichtige de aanvrager van de bestuurderspas. De bestuurderspas wordt afgegeven door de gemeente waar de aanvrager gedomicilieerd is en is geldig voor het grondgebied van het Vlaams Gewest. Aanvragers die niet gedomicilieerd zijn in het Vlaamse Gewest, kunnen zich wenden tot een Vlaamse gemeente naar keuze.

 

Artikel 3 – Tarieven

De retributie wordt als volgt vastgesteld:

  1. voor de vergunningen voor het exploiteren van een dienst voor individueel bezoldigd personenvervoer bedraagt het bedrag van de jaarlijkse retributie € 250 per in de akte van de vergunning vermeld zero-emissievoertuig (tot 1 januari 2030) en € 350 per ieder ander in de akte van de vergunning vermeld voertuig;
  2. voor de voertuigen met een machtiging wordt de retributie voor deze machtiging vastgesteld op € 250 per jaar per in de akte van de machtiging vermeld voertuig;
  3. voor het uitreiken van een bestuurderspas betaalt de aanvrager een retributie van € 20.

 

Artikel 4 – Betaling

De retributie op vergunningen en machtigingen is verschuldigd op het ogenblik van de afgifte en nadien telkens op 1 januari van het kalenderjaar. De retributie is ondeelbaar en dus verschuldigd voor het hele jaar, onafhankelijk van het moment waarop de vergunning werd afgegeven.

De retributie voor het uitreiken van de bestuurderspas is eenmalig voor de geldigheidsduur van 5 jaar en dient op voorhand betaald te worden.

De vermindering van het aantal voertuigen of het niet langer gebruik maken van de taxistandplaatsen geeft geen aanleiding tot een retributieteruggave. Dit geldt eveneens voor de opschorting of de intrekking van een vergunning en/of een machtiging of het buiten werking stellen van één of meer voertuigen voor welke reden dan ook. Het indienen van een klacht heft de invorderbaarheid van de retributie niet op.

De bedragen vermeld in artikel 3 worden jaarlijks aangepast aan het indexcijfer van de consumptieprijzen. De aanpassing gebeurt door middel van de coëfficiënt die wordt bekomen door het indexcijfer van de maand december van het jaar voorafgaand aan het retributiejaar te delen door het indexcijfer van de maand december 2019.

 

Artikel 5 – Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking vanaf 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen. De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Retributie op het gebruik van aftappunten en het verbruik van water - 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een periode eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie gevestigd op het gebruik van een aftappunt en het verbruik van water.

 

Artikel 2 - Betalingsplichtige

De retributie valt ten laste van de natuurlijke- of rechtspersoon die het gebruik van het bedoelde aftappunt aanvraagt.

 

Artikel 3 - Tarieven

De retributie wordt per aansluiting als volgt vastgelegd:

a) eenmalige vaste kosten per evenement € 60 voor het gebruik van het aftappunt

b) verbruik van water (volgens meterstanden) € 6,75 per m³, jaarlijks aanpasbaar aan de werkelijke kostprijs

 

Artikel 4 - Betalingstermijn

De invordering van de retributie zal geschieden als volgt: 10 dagen voor de ingebruikname van het aftappunt wordt aan de aanvrager een voorschot van € 250 gevraagd. Op het einde van het gebruik en bij opname van de meterstanden wordt de totale kostprijs berekend van het verbruik van het water en wordt het totaal bedrag van de retributie verschuldigd.

Het betaalde voorschot wordt verrekend of in mindering gebracht van het totaal bedrag van de retributie.

Bij niet minnelijke regeling zal de inning van de retributie geschieden via burgerrechtelijke weg.

 

Artikel 5 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Retributie op het gebruik van vaste elektriciteitskasten en het verbruik van elektrische energie - 2026-2031- Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie gevestigd op het gebruik van vaste elektriciteitskasten en het verbruik van elektrische energie.

 

Artikel 2 - Betalingsplichtige

De retributie valt ten laste van de natuurlijke- of rechtspersoon die gebruik maakt van de gemeentelijke vaste elektriciteitskast om elektriciteit te verbruiken.

De retributie is niet van toepassing op openbare markten.

 

Artikel 3 - Tarief

Bij evenementen zoals de kermis en standplaats inname openbaar domein wordt er door 1 of meerdere gebruikers gebruik gemaakt van de elektriciteitskast door één enkele éénfasige of driefasige aansluiting. In dit geval wordt de aansluiting forfaitair afgerekend.

Het forfaitair tarief voor een aansluiting, inclusief verbruik, tot en met zeven dagen bedraagt:

        éénfasige aansluiting: € 55

        driefasige aansluiting: € 95

 

Het forfaitair tarief voor een aansluiting, inclusief verbruik, voor één dag bedraagt:

        éénfasige aansluiting: € 16

        driefasige aansluiting: € 22

 

In de andere gevallen wordt per elektriciteitskast als volgt vastgelegd:

        vaste kosten (aansluiting, meteropnames, afsluiting en administratieve kost): €60

        verbruik van elektriciteit (volgens meterstanden): € 0,32 per kWh, jaarlijks aanpasbaar aan de werkelijke kostprijs

        de begin- en eindmeterstanden worden door de gemeente opgenomen in aanwezigheid van de aanvrager. Op het einde van het gebruik en bij opname van de meterstanden wordt de totale kostprijs berekend van het verbruik van de elektriciteit en wordt het totaal bedrag van de retributie verschuldigd.

 

Artikel 4 - Betalingstermijn

De retributie dient betaald te worden na ontvangst van de factuur. Bij gebreke aan betaling van de factuur kan het bedrag ingevorderd worden conform artikel 177 van het decreet lokaal bestuur.

 

Artikel 5 - Indexering

Deze retributies worden jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de evolutie van de afgevlakte gezondheidsindex en wel als volgt: elk bedrag wordt vermenigvuldigd met een factor met in de teller de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het bedrag wordt gewijzigd, en met in de noemer de afgevlakte gezondheidsindex die van toepassing was op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan de vaststelling van het vigerende bedrag. 

Het zo verkregen getal wordt afgerond op de hogere halve euro. 

 

Artikel 6 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Retributie voornaamswijziging - 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 heft het gemeentebestuur een retributie op voornaamswijzigingen.

Er kan slechts eenmaal om een voornaamswijziging worden verzocht, behalve indien de verandering van de voornaam werd toegestaan door de familierechtbank na een nieuwe aanpassing van de registratie van het geslacht. Een niet-ontvoogde minderjarige wiens voornaam werd veranderd overeenkomstig het tweede lid kan echter om dezelfde reden een tweede maal om een voornaamswijziging verzoeken voor zover hij niet overgaat tot de aanpassing van de registratie van zijn geslacht overeenkomstig artikel 135/1 van het Burgerlijk wetboek.

 

Artikel 2 - Tarief

 - retributie voor het wijzigen van een voornaam: € 55

- retributie voor het wijzigen van een voornaam voor transgenders: € 5,50

 

Artikel 3 - Vrijstellingen

Personen zonder voornaam aan wie de Belgische nationaliteit is toegekend ingevolge het Wetboek van de Belgische nationaliteit zijn vrijgesteld van deze retributie.

 

Artikel 4 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Retributie op huwelijken - 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1. Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie geheven op huwelijken.

 

Artikel 2. Betalingstermijn

De retributie is verschuldigd door de persoon die de huwelijksaangifte doet en dient betaald te worden alvorens het huwelijk wordt voltrokken.

 

Artikel 3. Tarief van de belasting

 

 voltrekken van een huwelijk

 

 

9u - 12u

14u - 16u

maandag

  50

€ 50

dinsdag

gratis

€ 50

woensdag

  50

€ 50

donderdag

  50

€ 50

vrijdag

  50

€ 50

zaterdag

€ 150

-

 

 trouwboekje: € 40

 

Artikel 4. Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

Zitting van 15 december 2025

 

Retributie op de concessies en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen - 2026-2031 - Stemming

 

Stemming

 

Eenparig

 

BESLUIT

Artikel 1 - Begripsomschrijving

Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie geheven voor concessies op de begraafplaatsen. De concessies worden verleend conform de bepalingen van het reglement op de gemeentelijke begraafplaatsen.

 

Artikel 2 - Tarief

De tarieven voor het verlenen van grafconcessies en columbariumconcessies op de gemeentelijke begraafplaats worden als volgt vastgesteld:

  1. grafconcessies 30 jaar voor 2 personen (zowel concessie met volledige zerk als met rugzerk):
    voor een grafconcessie in volle grond: € 1.000 voor inwoners en € 2.000 voor niet-inwoners;
  2. concessies op het urnenveld voor 30 jaar per urne: € 500 voor inwoners en € 1.000 voor niet-inwoners;
  3. concessie in de columbariumwand voor 30 jaar per urne: € 500 voor inwoners en € 1.000 voor niet-inwoners;
  4. columbariumzuil voor 30 jaar voor 2 urnen: € 1.500 voor inwoners en € 3.000 voor niet-inwoners;
  5. dezelfde retributie geldt voor de hernieuwing van een grafconcessie, een concessie op het urnenveld, een concessie in de columbariumwand, en een concessie in het columbariummonument;
  6. uitstrooien op de strooiweide: gratis voor inwoners en € 100 voor niet-inwoners;
  7. kost naamplaatje op de gedenkzuil: € 50 voor inwoners en € 100 voor niet-inwoners;
  8. sterretje op de sterretjesweide (gemaakt door kunstenaar François Blommaert): € 350;
  9. Een sterretje aan de sterrenboom: € 50.

 

Artikel 3 - Vrijstellingen

Oud-strijders die begraven worden op het voorbestemde erepark worden vrijgesteld van deze retributie.

Kinderen onder de 12 jaar die begraven  of uitgestrooid worden op de kinderbegraafplaats worden vrijgesteld van retributie.

 

Artikel 4 - Betalingstermijn

De concessie zal slechts mogen gebruikt worden na betaling van de verschuldigde retributie

in handen van de financieel directeur door overschrijving op rekening van het gemeentebestuur.

 

Artikel 5 - Bekendmaking

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026 en wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

 

 

Publicatiedatum: 22/12/2025